Huurwaarborg als stok achter de deur

Over de huurwaarborg bestaan nog steeds een aantal misverstanden. Mr. Fred Niemans van het Algemeen Eigenaarssyndicaat legt het systeem haarfijn uit. Vaak vraagt de verhuurder aan de huurder de storting van een bepaalde geldsom, om zeker te zijn dat de huurder de verbintenissen nakomt die uit de huurovereenkomst voortvloeien. Dat is de huurwaarborg. Het gaat om een algemeen toegepaste praktijk die door de verhuurders wordt opgelegd, op grond van een clausule in de huurovereenkomst. De waarborg zelf is door de wet evenwel niet verplicht. Het Burgerlijk Wetboek bevat wat betreft de verplichting van het stellen van een waarborg op zich geen bijzondere bepalingen. Over het algemeen bepaalt de huurovereenkomst dat "de huurwaarborg strekt tot zekerheid van alle verbintenissen welke uit de overeenkomst voortvloeien, inclusief de betaling van de huur en van de lasten." Ten onrechte leeft bij velen de overtuiging dat de waarborg uitsluitend mag worden gebruikt voor de dekking van de huurschade.
De gebruikelijke clausule "de huurwaarborg mag in geen geval worden aangewend tot betaling van de huurprijs" moet dan ook in die zin worden begrepen dat de huurder niet mag weigeren de huur (of de laatste maanden huur) te betalen door dit bedrag op eigen initiatief te compenseren met de huurwaarborg. Spijtig genoeg stellen we vast dat dit een gebruik is dat door vele huurders ten onrechte wordt toegepast. Op die manier hollen ze de waarde van de waarborg systematisch uit. De verhuurder die daarentegen bij het einde van de huurperiode vaststelt dat er nog huurachterstal is, mag deze schulden van de huurder wel verrekenen met de waarborg, voor zover de huurovereenkomst bepaalt dat deze waarborg alle verbintenissen van de huurder dekt. Let op: in bepaalde gevallen in de huurwaarborg beperkt tot dekking van de huurschade. Dat is bijvoorbeeld het geval bij de waarborgen die door het OCMW worden gesteld. Deze huurwaarborgen geven slechts een beperkte zekerheid aan de verhuurder (enkel huurschade). Wanneer in een dergelijk geval geen plaatsbeschrijving voorhanden is, zal deze waarborg vaak tot niets dienen.

Wanneer
Gewoonlijk vraagt de verhuurder dat de huurwaarborg wordt gesteld op het ogenblik van het afsluiten van de overeenkomst of uiterlijk wanneer ze in werking treedt. Het is raadzaam te stipuleren dat de sleutels slechts dan zullen worden overhandigd aan de huurder wanneer deze de waarborg heeft gesteld. Indien er huurachterstallen zijn of huurschade wordt vastgesteld is het bedrag van de waarborg meestal het enige dat de verhuurder nog kan recupereren ter delging van de huurschulden of ter vergoeding van de huurschade. Zonder het stellen van een volledige waarborg neemt men als verhuurder het risico bij wanbetaling volledig achter het net te vissen. Er zijn drie soorten huurwaarborgen: een geldsom, een afgifte of plaatsing van effecten en een bankwaarborg. In de volgende bijdrage gaan we daar dieper op in.

Teruggave
Bij het einde van de huurovereenkomst worden normaliter de waarborg en de intresten overgemaakt aan de huurder, voor zover hij al zijn verplichtingen is nagekomen. De financiële instelling waar de borg werd geplaatst, mag de huurwaarborg slechts terugbetalen of vrijgeven op voorlegging van ofwel een schriftelijk akkoord van de huurder en verhuurder, opgemaakt na het beëindigen van de huurovereenkomst, ofwel van een afschrift van een rechterlijke beslissing (indien het tot een procedure is gekomen).

Om de drie weken behandelt mr. Fred Niemans in Wonen.gva.be een probleem waar huiseigenaars mee kunnen worden geconfronteerd. Mr. Niemans is advocaat te Antwerpen, ondervoorzitter van de Vlaamse Regionale van het Algemeen EigenaarsSyndicaat (AES) en voorzitter van de Antwerpse afdeling van het AES. AES-Antwerpen is gevestigd aan de Amerikalei 5 en is telefonisch bereikbaar tijdens de kantooruren op 03/216.20.16 of 03/216.20.37.

.

Nu in het nieuws