Archeologen ontdekken de Romeinse Titanic

Archeologen spreken nu al van één van de belangwekkendste vondsten sinds tientallen jaren: de ontdekking van een Romeins, luxueus cruise-schip dat ruim 2.000 jaar geleden zonk in de Baai van Camarina, niet ver van Ragusa op Sicilië. Vandaar dat men de boot, propvol dure spullen, in de wandelgangen de Romeinse Titanic gedoopt heeft. De vondst dateert al van augustus vorig jaar maar is nu pas uitgelekt. Het heeft er alles mee te maken dat niet ver van de site een vakantiedorp van Club Med is gevestigd en de archeologen waren bang dat duikers en zwemmers de plek zouden beschadigen. De hele operatie wordt geleid door Giovanni Di Stefano, hoofd van het Archeologisch Instituut in Ragusa. Volgens hem gaat het om een schip voor de superrijken: «Wie de eigenaar ook was, de man wilde pronken met zijn boot.» Bewijzen daarvan zijn onder meer de verschillende kamers onder het dek, waaronder twee of meer luxekajuiten voor de passagiers, verlicht door bronzen kandelaars en olielampen. Vergelijk het met een luxueuze living, vol sofa's, waar men at en sliep. Kleine komforen zorgden voor de verwarming en het somptueuze diner werd geserveerd door een legertje slaven. Het was duidelijk goed leven aan boord.

BR>

Inktvissenjacht

Het wrak, met een lengte van 45 meter, ligt op een diepte van 4 meter, nauwelijks 90 meter van het strand. Niet toevallig dat net in de Baai van Camarina het schip naar de kelder ging. De beruchte baai staat bekend als de Bermuda Driehoek van de Middellandse Zee - nergens zijn er zovele schepen verdwenen. Meest verraderlijk is het bewegende zand net onder de waterspiegel, dat meeschuift met eb en vloed, of één van de vele stormen. Net na zo'n storm werd het schip puur per toeval gevonden, maar dit keer had de wind het zand weggeblazen en het schip blootgelegd. Zweminstructeur Guiseppe Russo was op inktvissenjacht toen hij bij het duiken de gegraveerde kop van een zwarte panter op de bodem zag liggen. Hij trok de kop uit het zand en ontdekte dat het om een deel van een olielamp ging. Russo groef wat rond en haalde een schat aan voorwerpen uit de bodem: bronzen sculpturen, beeldjes, dure kunstvoorwerpen en rijkelijk versierde karaffen. Hij lichtte het Archeologisch Instituut van Ragusa in en de trein was vertrokken.

Ondertussen hebben duikers een waslijst van (kunst)voorwerpen naar boven getakeld: kandelaars, een badkuip, een schrijn, inclusief een exquis beeld van de god Mercurius. Dat beeld was waarschijnlijk de blikvanger in het lararium, de plek om goden te vereren. Rijkdom en luxe troef dus. Het is een historisch gegeven dat de Romeinse aristocratie dol was op wat wij nu plezierjachten zouden noemen. Historicus Suetonius beschrijft hoe de achterstevens met juwelen bezet waren; binnenin groeiden wijnranken en fruitbomen, waren er badkamers, eetkamers en zuilengangen. Meest berucht schip was dat van de incestueuze, knettergekke keizer Caligula. Hij zeilde er vooral mee op het Nemi-meer bij Rome. Caligula heeft er alles op gedaan wat god of de goden ook maar verboden hebben.

Nu in het nieuws