Jacques Brel rust nog niet in vrede

Een polemiek tussen de familie van Jacques Brel en zijn laatste levensgezellin Maddly Bamy houdt de inwoners van Atouna, het plaatsje op het Markiezeneiland Hiva-Oa waar de Belgische chansonnier begraven ligt, in de ban. Brels familie en Maddly voeren een koude oorlog over de inscripties op het graf van de zanger.

BR>Jacques Brel stierf op 9 oktober 1978 aan longkanker. De dag na zijn dood liet Maddly op zijn grafsteen een gedenkplaatje hangen, waarop zij en Brel in profiel te zien zijn. Gedurende twintig jaar bezoeken talrijke toeristen het fleurige kerkhof in de baai van Atouna om foto's te nemen van de gedenkplaat.

In 1998 besluit Brels familie - ter gelegenheid van de twintigste verjaardag van zijn dood - de reis naar de archipel in de Stille Oceaan te maken om het "onzedig" plaatje te vervangen door twee andere. "Het is ronduit onbeleefd om je portret op een graf te plaatsen, als je nog springlevend bent", aldus France Brel, dochter van de beroemde zanger. "Door Brel werd Maddly's immense zucht naar roem bevredigd".

Enkele maanden later is Maddly op doortocht in Atouna. Met de steun van een deel van de lokale bevolking haalt ze de twee nieuwe gedenkplaatjes weg en hangt het oude weer op. "Jacques besliste dat ik zijn herinnering zou zijn. Veel bezoekers doen hun beklag omdat ze het beeld van het graf, zoals het door de hele wereld gekend is, niet meer terugvinden", verdedigt Maddly zich.

Het geschil over de gedenkplaten verdeelt de bevolking van Atouna. Burgemeester Guy Rauzy vindt de "onaangename en betreurenswaardige publiciteit rond het graf" spijtig, want volgens hem ontvluchtte Brel de maatschappij om op het verlaten eiland rust en vrede te vinden. In 1975 verkoos Brel, net zoals de Franse schilder Paul Gauguin, de verlatenheid en buitengewone schoonheid van het eiland boven de drukte van Parijs om zijn laatste levensjaren door te brengen.

Jacques Brel werd op 8 april 1929 geboren in Schaarbeek als zoon uit een katholieke bourgeoisfamilie. Op school was hij geen briljant leerling en zijn vader besloot hem dan maar te werk te stellen in zijn kartonbedrijf. Jacques kon er niet aarden. Op 20-jarige leeftijd besliste hij op de "echte" planken van de Brusselse cabarets te staan.

In 1953 werd Brel ontdekt door de Parijse producer Jacques Canetti, maar pas drie jaar later kwam de grote doorbraak met het lied "Quand on a que l'amour". In 1959 volgen de klassiekers "Ne me quitte pas", "Les Flamandes" en "La valse à mille temps". In zijn liedjesteksten nam de zanger geen blad voor de mond. In 1966 zegt de chansonnier het podium vaarwel.

Naast muziek was Brel ook door film gepassioneerd. Zo speelde hij in 1973 in "L'emmerdeur" van Edouard Molinaro. Ook zijn vertolking van Don Quichote in de musical "L'homme de la Mancha" (1968) is onvergetelijk. In 1974 krijgt Brel te horen dat hij longkanker heeft. Samen met vriendin Maddly trekt hij zich terug op de Markiezeneilanden.

Nu in het nieuws