"Ik heb nog honger"

Print
Andreï Tchmil rekent er op dat er nog wat moois voor hem is weggelegd
BR>MEERBEKE - Hoe reageert iemand die een onbereikbare droom waarmaakt? Blij als een kind, gretig proevend van elke nanoseconde intens geluk: Andreï Tchmil had iets aandoenlijks, gisteren. "Jaren werd ik over-en-weer geslingerd tussen hoop en wanhoop. Steeds weer kwam het beeld van Sean Kelly me voor de geest. Die won de Ronde ook nooit. Nu heb ik hem eindelijk, de mooiste klassieker van de hele reeks. Of dit geen moment is om te stoppen? Ben je gék? Ik heb nog honger."
Milaan - Sanremo revisited. Ook in de Primavera gaf Tchmil een jagend kransje kampioenen in zijn eentje het nakijken. Enig verschil: de duur van de inspanning. In Italië zag het de Belg achthonderd meter lang zwart voor de ogen. Gisteren lanceerde de Lotto-kopman zichzelf op elf kilometer van de finish. "Op de via Roma klopte een klein hamertje in mijn borst van allez, allez. Dat ding werd in de Ronde van Vlaanderen ingeruild voor een voorhamer die me vooruit bonkte. Ik heb méér gegeven dan ik eigenlijk in huis had. Echt, de streep mocht geen tweehonderd meter verder liggen: ik had het niet gered."
"Aanvallen was de enige optie die restte als ik rondom mij keek."
Andrei Tchmil
Andreï Tchmil bleef elfduizend helse meters lang in het ongewisse over zijn voorsprong. "De hele tijd zat ik vergeefs te wachten tot er iemand met een bordje met een tijdsmelding in mijn buurt verscheen. Paar keer achterom geloerd, telkens zag ik niet verder dan een woud motoren en volgauto's. Knap lastig, maar kinderspel vergeleken bij wat me op vier kilometer van de finish wachtte, toen alle voertuigen me voorbijstormden. Plots zag ik die pletwals achter me in ijltempo naderen. De hele tijd hield ik die laatste bocht voor ogen. Als ik die haalde met voorsprong, zou de buit binnen zijn. Het lukte, al kostte het me toch een beetje moeite (lacht)."
De 37-jarige veteraan toonde een stel hoge heren de hielen, net op de plaats waar Claude Criquielion zichzelf in 1987 naar solo-winst katapulteerde. "Mijn ploegleider heeft hypnotische gaven", lachte de voormalige Rus. "Ook al zat Claudy niet in de volgwagen, zijn geest legde contact met de mijne en raadde me aan het hazenpad te kiezen. (Grinnikt.) Hopelijk beveelt hij me straks langs dezelfde weg het ogenblik dat ik moet uitkiezen om wereldkampioen te worden. Die parel prijkt ook aan zijn kroon, niet? Serieus, aanvallen was de enige optie die restte als ik rondom mij keek. Zabel, Vainsteins, Zanini: allemaal jongens die sneller zijn dan ik. Ik probeerde het in Parike en vlak voor de top van de Bosberg: de derde keer was de goeie."
Tchmil genoot van elk ogenblik, leek de herinnering aan elk detail van die schitterende zondag op het moment zelf al op te poetsen.
"Stel me daarom geen vragen over de toekomst. Als je iets over Parijs - Roubaix wil te weten komen, wacht dan een paar dagen. Ik heb net de mooiste klassieker op de kalender gewonnen, dat gevoel primeert momenteel. Of ik nu een echte flandrien ben? Aan jullie om uit te maken of ik die eretitel verdien. Eén ding is zeker: ik koers niet tot ik 45 ben, maar voorlopig doe ik nog even voort. Duclos-Lassalle moest wachten tot zijn 38ste op een eerste keer winst in Parijs - Roubaix. Met een beetje geluk ligt er voor mij dus nog wat moois op de plank."
Nu in het nieuws