"Geen reden om boos te zijn"

Print
Dragan Siljanoski is enorm blij dat hij er opnieuw bij was
BR>DEURNE - Behoudens onvoorstelbare ongelukken neemt Antwerp volgend seizoen zijn plaats bij 's lands elite opnieuw in. Op het veld van RWDM werd vorige zondag opnieuw duidelijk hoe groot de kloof wel is tussen Antwerp en de rest van tweede klasse. Het aftellen naar de titelviering is definitief begonnen op de Bosuil.
Antwerp
Twee weken geleden ging Antwerp met gelijke spelen tegen Cercle Brugge en Kapellen even door een dalletje. De voorsprong op Dessel slonk tot acht punten. Twee speeldagen later is de competitie gespeeld. De Kempenaars haalden één op zes en moeten Antwerp definitief laten gaan. Trainers, spelers en bestuur konden op RWDM hun breedste glimlach bovenhalen.
Ook Dragan Siljanoski liep glunderend rond, maar dan om andere redenen. Na een lange afwezigheid stond de Macedoniër nog eens op het scheidsrechtersblad bij een officiële competitiewedstrijd. Die selectie had hij eerder op de week verdiend in de vriendschappelijke wedstrijd tegen Sint-Petersburg.
"Het deed enorm deugd er weer bij te zijn", zegt Siljanoski. "Tegen Sint-Petersburg kreeg ik van bij de aftrap mijn kans en ik denk dat ik ze gegrepen heb. De bekroning was het scoren van het winnende doelpunt vlak voor tijd. Op Molenbeek mocht ik pas in de slotfase opdraven, maar toch gaf het een enorme voldoening opnieuw op het veld te staan met het eerste elftal. Ik heb mijn deel van de ellende gehad dit seizoen. Eerst voetproblemen en nadien knieperikelen hielden me langer dan me lief was van de velden. Ondertussen greep Barry Budts zijn kans als rechtsachter, bleef de ploeg winnen en was het voor mij bij de invallers en op training knokken voor een nieuwe kans. Niets dan lof overigens voor de prestaties van de jonge Budts, want hij speelde een voortreffelijk seizoen."
"Als prof moet je accepteren dat de trainer je niet opstelt."
Dragan Siljanoski
Siljanoski hoopt in de slotfase van de competitie op voldoende speelkansen om Antwerp mee aan de titel te helpen. Hij oefent echter geduld.
"Natuurlijk wil ik op het veld staan, maar als prof moet je accepteren dat de trainer je niet opstelt. Dat is voetbal. Ik ben trouwens tevreden over de manier waarop de trainer het heeft aangepakt. Hij liet me niet vallen en hield me steeds voor dat mijn kans nog zou komen als ik hard bleef werken. Ik moet niet boos rondlopen omdat iemand anders speelt. We werken allemaal voor hetzelfde doel. Het is voor iedereen goed dat Antwerp promoveert. Ook voor mij, want ik lig nog twee jaar onder contract."
Nu in het nieuws