Ibrahim Tankary: "Als het God belieft"

Print
LOMMEL - Lommel en Lokeren mogen dinsdag de kwartfinales in de beker van België aansnijden. Tenminste indien de weergoden meewillen en Joske Van de Paar in extremis zijn zoveelste mirakel realiseert. De Lommelse terreinverzorger kwam maandag handen en voeten te kort om het terrein, bezaaid met ontelbare plassen smeltwater, bespeelbaar te krijgen. Het zal nipt worden. Maar aan de Gestelsedijk willen ze niet eens denken aan een mogelijke afgelasting.
De leider in tweede klasse heeft het jaar op sprankelende wijze ingezet en wil daar in de beker een verlengstuk aan breien.

Vooral spits Ibrahim Tankary heeft de smaak te pakken. Met zijn 2 goals in Ingelmunster bracht hij zijn totaal op 13. Een respectabel aantal voor iemand die vorig seizoen in 3de klasse, bij Tubize, aan amper 11 stuks geraakte. "Jamaar, je moet alles in zijn juiste context plaatsen", verklaart de Lommelse goaltjesdief die sprong voorwaarts. "In Tubize werd te veel van mij verlangd. Ik moest bij wijze van spreken de beslissende assist geven en de bal er nog zelf induwen ook. Een hemelsbreed verschil met Lommel. Hier word ik door jongens als Waligora, Baranyos, Zouaoui en ga zo maar door op maat bediend. Geeft een prettig gevoel. Of de titel van topschutter in tweede klasse me interesseert? Nee. Ze moeten in Lommel niet bang zijn dat ik nu persoonlijk succes ga nastreven. Kampioen worden, dat is wat telt."

STVV
Het zou Lommel een ticket voor eerste klasse opleveren en zou de droom doen uitkomen die Ibrahim al sinds zijn aankomst in België in 1995 najaagt. "En dan te bedenken dat ik een transfer naar Lommel aanvankelijk helemaal niet zag zitten", legt Tankary uit. "Twee ploegen trokken vorig seizoen erg nadrukkelijk aan mijn mouw. La Louvière en Sint-Truiden. STVV heeft me niet minder dan zesmaal gescout. Maar blijkbaar zaten ze daar niet allemaal op dezelfde golflengte. Niet de eerste keer trouwens dat mijn kwaliteiten ter discussie stonden. Toen ik enkele jaren geleden via Hemptinne-Eghezée bij Sporting Charleroi belandde, werd ik door voorzitter Jean-Paul Spaute onmiddellijk doorverhuurd aan Sambreville. Met de belofte dat hij me zou terughalen. Maar Robert Waseige, die toen trainer was, geloofde niet in mij. Enfin, om een lang verhaal kort te maken, aangezien Gaston Peeters bleef aandringen en mijn manager Guy Vandersmissen Lommel aanprees, heb ik uiteindelijk toch maar toegehapt. In het begin beviel het me niet echt. Ik was de taal niet machtig, zat daar alleen op een flatje. Maar intussen ben ik hier goed geïntegreerd en voel ik me gewaardeerd."

Minister
Heeft deels ook te maken met zijn inspanningen om het Nederlands zo snel mogelijk onder de knie te krijgen. "Ja, zo ben ik. Leergierig. Ik volg momenteel avondschool pers en communicatie in Luik", aldus Tankary. "Heb ik van thuis uit meegekregen. Niger is een land dat beheerst wordt door de Ténéré-woestijn. Er heerst veel armoede. Maar ik mag God danken dat ik in een vooraanstaande familie geboren ben. Mijn vader is een gepensioneerd staatsfunctionaris en mijn moeder een gepensioneerde onderwijzeres. Onze familie telt aardig wat notabelen. Zelfs een ambassadeur en een minister. Je kan je voorstellen dat mijn ouders sterk de nadruk legden op studies. Ik heb in het naburige Burkina Faso 4 jaar universiteit gelopen. Twee jaar geneeskunde en twee jaar economische wetenschappen. Ik voetbalde er ook in eerste klasse bij verschillende clubs en heb zelfs 32 selecties voor de nationale ploeg van Niger."

God
Aangezien de voetbalmicrobe hem niet losliet en Europa hem aantrok, besloot Ibrahim - een beetje tegen de zin van zijn ouders - op zijn 25ste toch zijn kans te wagen. "De beloning komt stilaan in zicht", glundert Ibrahim, die als overtuigde moslim tijdens het gesprek geregeld zijn lot in de handen van Allah legt. "Als het God belieft, speel ik volgend seizoen in eerste klasse. En, wie weet, kwalificeren we ons dinsdag ook voor de halve finales in de beker van België. Van Lokeren weet ik dat er veel Afrikaanse voetballers rondlopen. Ondermeer uit Ivoorkust. Wordt voor mij een interessante confrontatie. In ons voordeel is alvast dat de druk volledig bij Lokeren ligt. Voor ons mag alles maar hoeft niks. Maar het zou uiteraard prettig zijn als we na Aalst en La Louvière nu ook Lokeren zouden kunnen wippen."
MEEST RECENT