Ex-directeur van Verlipack laakt beleid Waalse curatoren

Mol"Merci Blondiau." De cynische boodschap op de zwarte krijtborden voor de glasfabriek op

Den Donk

is glashelder. Volgens de ex-werknemers van Saverglass, alias Verlipack, draagt de Waalse curator Blondiau de verantwoordelijkheid voor de sluiting van de flessenfabriek in Mol-Donk. Voormalig directeur Charles Sauviller treedt hen bij: "De Walen hebben nooit kunnen verkroppen dat Saverglass hun vestigingen links liet liggen en voor de Molse site koos."

Gunter Willekens, Alex Kestens

BR>

Président Directeur Général

Loîc de Gromard van Saverglass had er al een lange studieronde opzitten toen hij in maart 1999 bij het failliete flessenfabriek in Mol belandde. "De Gromard was al geruime tijd op zoek naar een fabriek om zijn productiecapaciteit uit te breiden. Hij had de Verlipack-vestigingen in Ghlin en Jumet ook al bezocht. Maar wat hij daar zag, beviel hem niet", zegt Charles Sauviller.

Hoewel een stuk verder van huis, bleek de stichter van de Franse luxeflessenfabriek dan wel bereid tot een langdurig verblijf in Mol. De verkoopovereenkomst werd in een mum van tijd gesloten. "De curatoren bleven tijdens de eerste gesprekken maar zeuren over de nodige bankgaranties, tot de Gromard zijn tas op tafel zette en vroeg 'Hoeveel mag het zijn?'. Zo is de Gromard. Zijn gesprekpartners wisten meteen welk vlees ze in de kuip hadden", lacht Sauviller.

"Bij een van zijn eerste bezoeken, had hij gezien hoe de doorstroming van de band opeens stokte en de flessen één na één op de grond vielen. Maar wat een diepe indruk maakte, was dat één van de arbeiders naar de plaats snelde om de flessen op te vangen. 'Tiens, die springt voor zijn flessen', zei hij. Daar heeft hij wellicht besloten om met Mol in zee te gaan. Tot grote ergernis van de Waalse curatoren. Want die hadden tevergeefs geprobeerd om hun vestigingen aan de man te slijten."

Resultaten

Het no-nonsensebeleid van de Gromard sloeg aan. Hoewel het gros van de arbeiders fors moest inleveren, waren ze bereid om voor hun bedrijf door een vuur te gaan. Dat bleek tijdens een referendum, dat nauwelijks twee dagen voor de definitieve sluiting werd gehouden. "Tachtig procent koos voor de loon- en arbeidsvoorwaarden van de Gromard", zegt Sauviller. "De baas verstond de kunst om het werkvolk achter zijn project te scharen. In nauwelijks vijf maanden tijd evolueerden de flessen van een wegwerpproduct tot parfumeriekwaliteit. Het kostte het bedrijf wel 6.000 uren opleiding. De arbeiders leerden in die korte tijd meer dan in de tien vorige jaren onder Verlipack."

"De Gromard was bijzonder tevreden over de resultaten die we hier boekten. Maar de Waalse curatoren hebben hem letterlijk weggepest. Bij de onderhandelingen over de verkoop, stelde hij de voorwaarde dat hij binnen drie maanden in het bezit wou zijn van een bodemattest. 'Dat kan niet in België", zeiden de curatoren. Tegen zijn gewoonte in, gaf de Gromard toe. Hij stemde in met een periode van zes maanden om de attesten in orde te brengen. Toen hij twee dagen voor het aflopen van die periode te weten kwam dat er nog niets was gebeurd, gaf de Gromard de curatoren nog eens zes weken respijt. Daar gingen ze niet op in. Integendeel, een dag na de deadline stuurden diezelfde curatoren een firma om de oven te laten leeglopen. Daardoor was elke ruimte voor verder overleg verdwenen."

"Saverglass wilde de komende jaren voor bijna één miljard investeren in Mol", besluit Charles Sauviller. "We hadden plannen om een tweede oven in bedrijf te nemen. Er zou werk zijn voor 400 mensen. Dit had een succesverhaal geworden. Maar de vertroebelde relatie tussen de curatoren en de Gromard heeft daar een stokje voor gestoken. Ze hebben me al gevraagd om te gaan werken voor Ghlin. Maar daar heb ik feestelijk voor bedankt. Ik ben definitief van de fles."

Toen waren ze nog met twee...

De Verlipack-saga heeft de jongste dagen veel weg van het aftelliedje over de

Tien kleine negers

. Begin deze week trok een handvol arbeiders voor de laatste keer de deur achter zich toe. Nu zijn er nog twee

ovenbegeleiders

aan de slag. Luc Smeyers (tien jaar dienst) en Marc Van Hoof (twaalf jaar) genieten de twijfelachtige eer om het licht te mogen uitdoen. Over hun computerscherm rolt de boodschap 'Ramp en tegenspoed gewenst aan Madame Blondiau'.

"Het is wreed", zegt Luc. "Wij dachten dat we hier ons pensioen gingen halen. Maar ondanks alle goede bedoelingen van Saverglass is het nu voorbij. Nee, wij hebben nog geen andere job. Maar daar malen we niet om. Het eindejaar staat voor de deur. Kunnen we ons nog even bezinnen."

"We laten de oven nu afkoelen met een tiental graden per uur. Maandag is het definitief voorbij", legt Marc uit. "Het is goed geweest. We hadden een zeer hechte ploeg. Na het faillissement van januari heb ik een tijdje elders gewerkt. Maar ik heb mijn contract daar laten schieten, om terug te kunnen keren. En ik heb daar geen spijt van. Nooit vind ik nog een bedrijf met een even gunstig werkklimaat als bij Saverglass."