Genk - Club Brugge, zes maanden later

ANTWERPEN -

Wie herinnert zich Genk - Club Brugge van vorig seizoen nog? 18 april 1999. Het was dé absolute topper van de competitie. Een duel tussen de nummers één en twee in de rangschikking, met als rechtstreekse inzet de landstitel. Weken werd ernaar uitgekeken, noch Club-trainer Gerets noch zijn Genkse collega Anthuenis staken het onder stoelen of banken dat dit hun

moment de gloire

zou worden. Uiteindelijk trok Anthuenis aan het langste eind. Zij het met enkele weken vertraging, want de wedstrijd zelf eindigde onbeslist.

Wim Vos

BR>Morgen staat Genk - Club Brugge opnieuw op het programma. Maar van een klapper is ditmaal niet echt sprake. De vijfde tegen de zesde. Zowel René Verheyen bij Club als Jos Heyligen bij Genk geven toe dat hun ploeg onder de verwachtingen presteert. Veel gloriemomenten kenden ze dit seizoen nog niet. Integendeel. Vraag het maar aan René Verheyen. De match tegen Genk is zijn laatste kans, deelde het bestuur hem eerder mee. Voor Jos Heyligen is de nood minder groot, hoopt hij, maar ook hij moet beseffen dat hij zich niet al te veel misstappen meer kan veroorloven. Hoe de successen van Gerets en Anthuenis hun opvolgers met een haast ondraaglijk zware erfenis hebben opgezadeld...

"Natuurlijk stellen wij onszelf in vraag"

Club-trainer Verheyen en zijn Genkse collega Heyligen liggen onder vuur bij hun club, zondag spelen ze tegen elkaar

BRUGGE, GENK -

Jos Heyligen zucht. "De supporters van Genk zijn verwend", zegt hij. "Wat Anthuenis deed, kan je niet elk jaar verwachten." Zijn Brugse collega René Verheyen begrijpt hem als geen ander. Voor hem is de realiteit nog grauwer. Wint hij zondag niet, dan wacht hem een ontslag. Beiden gaan gebukt onder een immense druk. "Er gaat geen dag voorbij of we stellen onszelf in vraag."

Waarom slagen Genk en Club Brugge er niet in hun spelniveau en prestaties van vorig seizoen te evenaren?

René Verheyen:

Wist ik dat maar? Wie mij de verklaring kan geven, mag mij onmiddellijk opbellen. Dan kan ik tenminste gepast ingrijpen.

(zucht)

Nee, ik begrijp het ook niet. Het rare is dat we de eerste competitieweken wel uitstekend presteerden. Aan de vele nieuwkomers die we moesten inpassen, kan het bijgevolg niet liggen. Ik zie eigenlijk maar één reden: de resem blessures waarmee de ploeg te maken kreeg. Iemand als Gert Verheyen bijvoorbeeld is moeilijk te vervangen.

Jos Heyligen:

Ik begrijp al die commotie niet: Genk presteert wel behoorlijk. Wij hebben negen wedstrijden gespeeld, daar waren zes uitwedstrijden bij, en toch hebben we nog maar één keer verloren. Bovendien hebben we ons gekwalificeerd voor de volgende ronde in de Beker van België. Dan kan je toch niet zeggen dat Genk slecht bezig is. Goed, het spelpeil is nog niet wat het moet zijn. Maar dit is nu eenmaal een ploeg met een nieuwe trainer, een aantal nieuwe spelers, een nieuwe manier van spelen ook. Dan moet je een zekere aanpassingsperiode incalculeren.

Zowel Club als Genk werden op ongelukkige wijze uitgeschakeld in Europa. Ze lijken zich maar niet te kunnen herstellen van die Europese opdoffer.

Verheyen:

Klopt. De twee wedstrijden tegen Haïfa zijn Club fataal geworden. Voordien draaide het prima: we scoorden vlot, brachten aantrekkelijk voetbal, incasseerden weinig doelpunten. Na onze Europese campagne was daar niets meer van te merken. De ongelukkige uitschakeling heeft het vertrouwen van de spelersgroep danig aangetast. Alle lef is uit de ploeg verdwenen, de spelers durven niet meer.

Heyligen:

Het heeft Genk weken gekost om zich te herstellen van de vroege Europese uitschakeling. Logisch, dat kwam verschrikkelijk hard aan. Zowel bij mij, als bij de spelers. Je hebt een seizoen lang gevochten voor Europees voetbal, snakt naar die Champions League. En dan vlieg je er zo snel uit... Pas de jongste weken voetbalt de ploeg opnieuw met het nodige vertrouwen.

Jullie liggen beiden onder vuur. Hoe moeilijk is het om met het mes op de keel te spelen?

Verheyen:

Heel moeilijk. Ik kan dan wel zeggen dat elke trainer dit ooit meemaakt, zeker als je bij een topclub werkt, maar toch... Prettig is het niet. Hoe ik daarop reageer? Ik probeer rustig te blijven. Meer kan ik niet doen. En ik heb de spelers toegesproken, hen duidelijk gemaakt hoe belangrijk de wedstrijd tegen Genk is. Het woord is nu aan hen. Intussen troost ik mij met de gedachte dat ik nog altijd dezelfde ben als tijdens de eerste vier competitiewedstrijden. Toen liep alles wel als een trein.

Heyligen:

Noch het bestuur, noch de spelers geven mij het gevoel dat ik onder vuur lig. Ik besef wel dat veel buitenstaanders dit beeld hebben: alsof ik bij de kleinste misstap aan de deur zou vliegen. Hoe dat komt? In het begin van het seizoen stond in een krant dat ik "Genk zou leren voetballen". Ik heb dat nooit gezegd, wel zei ik dat ik mijn stempel op hun manier van spelen wilde drukken. Maar dat is helemaal verkeerd begrepen. Jammer, want zo is er een beeld van mij ontstaan dat helemaal niet aan correct is.

Heb je zelf al fouten gemaakt dit seizoen?

Verheyen:

Natuurlijk. Ik ben niet zo pretentieus dat ik mijzelf niet in vraag durf te stellen. Maar het heeft geen zin jezelf verwijten te maken. Als trainer probeer je elke wedstrijd opnieuw de beste ploeg op het veld te brengen, soms kan je tijdens de match nog wat sleutelen. Die beslissingen neem je in eer en geweten. Na de wedstrijd zeuren over eventuele fouten heeft echt geen zin.

Heyligen:

Iedereen maakt fouten. Een ploegen coachen is nu eenmaal niet eenvoudig. Je bent afhankelijk van zoveel factoren die jezelf niet in de hand hebt. Neem Anderlecht - Bologna. In plaats van 4-0 wordt het daar in de slotfase 2-1. Als trainer sta je op zo'n moment machteloos. En je kan nadien dan wel denken 'had ik dit of dat maar gedaan'... Aan het resultaat verandert dit niets.

Gerets is een monument bij Club, Anthuenis wordt nog altijd op handen gedragen in Genk. Hoe moeilijk is het om hen op te volgen?

Verheyen:

Word ik vergeleken met Gerets? Dat laat ik voor de rekening van anderen. Ik weet dat Eric hier goed werk geleverd heeft, maar wat dan nog? Gerets is weg, Verheyen is nu trainer. Het wordt tijd dat iedereen dit beseft.

Heyligen:

(diepe zucht)

Die vergelijking met Anthuenis komt stilaan mijn strot uit. Ik ben een heel ander type trainer, hou er andere ideeën op na, werk op een andere manier. De spelers en het bestuur hadden dit onmiddellijk begrepen, alleen de buitenwereld grijpt altijd maar terug naar het tijdperk Anthuenis. Wat heel vervelend is. Hij heeft Genk vorig jaar boven het normale niveau doen uitstijgen. De supporters moeten langzaamaan beseffen dat dit niet elk jaar mogelijk is.

Komt de wedstrijd Genk - Club Brugge op een goed of op een slecht moment?

Verheyen:

Op een slecht moment. Genk heeft misschien nog niet zijn beste niveau gevonden, maar thuis is het altijd heel sterk. Een thuiswedstrijd tegen een iets minder sterke tegenstander was nu welkom geweest. Anderzijds moet je als trainer je spelers nauwelijks opladen voor zo'n wedstrijd. Een partij tegen de landskampioen voor pakweg twintigduizend man motiveert sowieso. En dan maar hopen dat die zwarte periode eindelijk voorbij is. Want bij de competitiestart had ik wel enkele tegenslagen ingecalculeerd, maar wat mij nu overkomt... Nee, daar had ik geen rekening mee gehouden.

Heyligen:

De wedstrijd komt ideaal. Na onze gewonnen wedstrijden tegen Lommel en Tongeren voetbalt de ploeg opnieuw met meer vertrouwen. De rust is weergekeerd. Als we zondag kunnen winnen tegen Club, is de trein mogelijk definitief vertrokken. Dat Club momenteel niet echt op dreef is, is mooi meegenomen. Hoewel: dat kan zich ook tegen ons keren. Waarschijnlijk is er de voorbije week een hartig woordje gesproken in Brugge en mogen we een supergemotiveerde ploeg verwachten.