Informaticabedrijven vragen vrijstelling van belastingen

De permanente opleiding van informatici weegt zwaar op alle bedrijven in de sector. Daarom vraagt INSEA, de beroepsvereniging van de Belgische informaticabedrijven, een vrijstelling van belastingen en sociale bijdragen op de opleidingen die bedrijven organiseren.

Koen Lambrecht

BR>Informatici blijven bijzonder gegeerd. Nu het millennium-probleem qua voorbereiding achter de rug is, is de spanning op de arbeidsmarkt wat afgenomen. Maar na 2000 staan al nieuwe IT-projecten klaar waarvoor krachten worden gezocht.

Volgens INSEA realiseerden de Belgische informaticabedrijven vorig jaar een gemiddelde groei van 9%. KMO's voeren, zoals zo vaak in ons land, ook in deze sector de hoofdtoon: van de 3.700 IT-bedrijven heeft 87% minder dan 5 mensen in dienst.

Een nieuwe trend is dat de Belgische IT-bedrijven, die samen meer dan 120.000 specialisten tewerkstellen, steeds meer de grens oversteken. Daarbij kan het zowel om buitenlandse vestigingen als om zuivere export gaan.

De onafgebroken expansie zorgt voor aardig wat druk op gebied van werkkrachten. De laatste twee jaar waren die vooral nodig om bedrijven en instellingen te helpen de kaap van het jaar 2000 te nemen. Nu dat werk is afgerond (of zou moeten zijn), komt er ruimte voor andere projecten. Maar het werkvolume blijft onveranderd hoog.

"Enkel en alleen al om websites te ontwikkelen schatten wij dat er de komende drie jaar telkens een kleine 7.000 mensen zullen nodig zijn", zegt INSEA-directeur Marcel Lengeler.

Het probleem is echter het nijpendst bij de hogere informatica-functies en dat zal de komende jaren nog verergeren. Universiteiten en hogescholen zullen dit jaar slechts 2.200 tot 2.500 nieuwe software-ingenieurs afleveren. Bovendien is het aantal IT-inschrijvingen aan de universiteiten dit jaar met 6% gedaald. Bij de graduaten informatica is dan weer een forse stijging (30%) van het aantal inschrijvingen.

Scholen

Vorig jaar groeide het aantal werknemers in de hele sector met 17%, maar toch blijft er een tekort aan arbeidskrachten. Dat heeft aanzienlijke gevolgen, niet in het minst omdat grotere inspanningen nodig zijn om mensen om of bij te scholen.

Marcel Lengeler: "De investeringen in permanente vorming zijn al opgelopen tot 10% van de totale loonuitgaven of 5% van de omzet in de sector. Erger nog, de kosten voor training bedragen evenveel als de globale nettowinst. Een reële moeilijkheid daarbij is dat de opbrengst absoluut niet gegarandeerd is. Een opgeleide informaticus kan immers overstappen naar een ander bedrijf en dan is de hele investering verloren."

Omdat opleiding door ondernemingen duurder uitvalt dan door hogescholen en universiteiten vraagt INSEA daarom een vrijstelling van belastingen en sociale bijdragen hierop. De vereniging dringt ook op de mogelijkheid aan om in de arbeidscontracten een speciale terugvorderingsclausule te voorzien. Een werknemer die het nog het eerste jaar afstapt, zou de helft van zijn opleiding moeten terugbetalen. Het tweede jaar zou dat tot 30% dalen en het derde jaar tot 20%.

Informaticus verdient gemiddeld 1.680.000 frank

Een Belgische informaticus is gemiddeld 34 jaar, is vier keren op de vijf een man en verdient 1.680.000 op jaarbasis. Dat blijkt uit een enquête die INSEA uitvoerde onder een aantal leden.

Het gemiddeld loon is 4,4% gestegen in vergelijking met vorig jaar. Informatici die bij banken of verzekeraars werken, worden het rijkelijkst vergoed. Maar als je ook de bedrijfswagen in rekening brengt, is de informaticus in de industrie het best af.

De softwarespecialisten zijn niet bepaald trouwe jongens, wat gezien de hoge vraag niet zo verwonderlijk is. Het gemiddelde verloop bedraagt 15% en ligt het hoogst bij consulting- en verkooppersoneel. Een hogere verdienste is de belangrijkste reden om het elders te proberen. Maar in één geval op de zeven is er ook sprake van ontslag. "In een oververhit systeem wordt bijzonder snel aangeworven en daardoor vaak minder goed dan in het verleden", legt INSEA-consultant Gerald Lallemand uit.

Nu in het nieuws