Ark van Zoë: Procureur vordert tot 11 jaar dwangarbeid voor 6 Fransen

De algemeen procureur van de rechtbank in N'Djamena, in Tsjaad, heeft woensdag tussen de 7 en 11 jaar gevangenisstraf met dwangarbeid gevorderd voor zes leden van de Franse hulporganisatie Ark van Zoë. Voor twee van de vier andere beschuldigden vroeg hij de vrijlating.

Belga

De procureur wil dat de zes Fransen schuldig bevonden worden aan "poging tot ontvoering van kinderen met het oog op het wijziging van hun burgerlijke stand" en van "valsheid in geschrifte" en "oplichting". Hij maakte geen onderscheid tussen de zes leden, die op 25 oktober 103 kinderen met een vliegtuig illegaal vanuit Tsjaad naar Frankrijk wilden brengen.

De procureur vroeg de vrijlating van de twee Tsjadiers, gemeentelijke verantwoordelijken van het grensplaatsje Tiné die ervan beschuldigd worden te hebben bemiddeld voor Ark van Zoë. Hij wil wel dat een lokale chef van Tiné en een Soedanese vluchteling veroordeeld worden voor betrokkenheid, maar vindt dat voor hen verzachtende omstandigheden gelden "omdat ze het slachtoffer zijn geworden van bedrog".

De Franse organisatie beweerde altijd "wezen uit Darfoer te willen redden van de dood". Maar een onderzoek van internationale humanitaire organisaties toonde aan dat de meerderheid van de kinderen afkomstig was uit de Tsjadische grensstreek met Soedan, en wel nog ouders had.

De Belgische piloot Jacques Wilmart, oorspronkelijk ook verdacht in de zaak, is buiten vervolging gesteld.