Musharraf legt eed af als president

Print
Met de eedaflegging van Pervez Musharraf als president zijn donderdag in Pakistan acht jaar militaire heerschappij formeel ten einde gelopen.
De omstreden machthebber sprak zich na zijn eedaflegging voor een ambtsperiode van nog eens vijf jaar in Islamabad uit voor "democratie" en beloofde opnieuw parlementsverkiezingen voor 8 januari. Met zijn aftreden als opperbevelhebber van het leger had hij woensdag al een belangrijke eis van de oppositie en het Westen vervuld.

"Ik ben zeker dat Pakistan met mij als burgerpresident en met Kayani als bevelhebber van het leger sterker zal worden", zei Musharraf tijdens de ceremonie voor de eedaflegging, waaraan ook de generaal deelnam. Hij heeft het "volste vertrouwen" in Kayani.

Noodtoestandf

Musharraf heft op 16 december de noodtoestand in zijn land op. Dat kondigde hij donderdag aan tijdens een televisietoespraak.

"Ik heb besloten de noodtoestand op te heffen en het voorlopige grondwettelijke decreet op 16 december terug te trekken", aldus de staatsleider die donderdagnamiddag beëdigd werd voor een tweede ambtstermijn, acht jaar nadat een staatsgreep hem aan de macht hielp.

Musharraf riep op 3 november de noodtoestand uit, wat veel protest uitlokte bij de oppositie en de internationale gemeenschap.

Musharraf verdedigde zijn afgelopen weken internationaal scherp bekritiseerde aanpak en viel de westerse landen zelf aan. "Bij geen enkele gelegenheid ben ik van de weg afgeweken die we voor deze democratische overgang moeten bewandelen", zei de president. De industrielanden hebben een "onrealistische en wellicht onpraktische" voorstelling van de democratie. "Wij willen democratie. Ik ben voor democratie. Wij willen burgerlijke vrijheden, maar wij doen dat op onze manier", zei Musharraf onder appalus van de eregasten.

Musharraf was in 1999 als opperbevelhebber van het leger zonder bloedvergieten aan de macht geraakt. De oppositie en de tegenstanders van Musharraf hadden tegen zijn herverkiezing als president door het parlement in Islamabad en de provincieparlementen begin oktober klacht ingediend. Ze hadden geargumenteerd dat hij zich als militair opperbevelhebber geen kandidaat had mogen stellen. Musharraf had vervolgens op 3 november de noodtoestand afgekondigd en zijn critici in het constitutioneel hof vervangen. De nieuwe rechters bevestigden daarop dat de verkiezing van Musharraf rechtsgeldig was.

De oppositie is er tot nog toe niet in geslaagd, de bevolking massaal tegen Musharraf te mobiliseren. De verschillende partijen tonen zich besluiteloos of ze de parlementsverkiezingen van 8 januari al dan niet moeten boycotten. Oppositieleider Nawaz Sharif van de Pakistaanse Moslimliga (PML-N) heeft reeds uitgesloten, in geval hij deelneemt aan de verkiezingen en de verkiezingen wint, als premier onder Musharraf te werken. De voorzitster van de oppositionele Pakistaanse Volkspartij (PPP), Benazir Bhutto, eist van haar kant dat Musharraf aftreedt.
Nu in het nieuws