Religieuze leiders ondertekenen verklaring over geweld tegen vrouwen

De leiders van de zes geloofsgemeenschappen en de niet-confessionele levensbeschouwing die in België erkend zijn, hebben woensdag een engagementsverklaring ondertekend die geweld tegen vrouwen veroordeelt.

Belga

De verklaring kadert in de wereldwijde "Stop geweld tegen vrouwen"-campagne van Amnesty International die focust op geweld tegen vrouwen in conflictsituaties en op huiselijk geweld.  Opzet is de leden van de verschillende geloofsgemeenschappen te bereiken en meer mensen bewust te maken van fysiek, seksueel en psychologisch geweld tegen vrouwen, een mensenrechtenschending.

Van de religieuze en levensbeschouwelijke leiders wordt verwacht dat zij het thema bespreekbaar maken binnen hun geloofsgemeenschap aan de hand van concrete acties, zoals debatten en conferenties.

De verklaring werd symbolisch ondertekend door de leiders van de rooms-katholieke, protestantse, orthodoxe, anglicaanse, islamitische, Israëlitische en vrijzinnige gemeenschap.

In maart 2004 lanceerde Amnesty een wereldwijde campagne voor de stopzetting van geweld tegen vrouwen. Het actieplan streeft naar het afschaffen van vrouwendiscriminerende wetten en wetten die het mogelijk maken ongestraft geweld tegen vrouwen te gebruiken. Vervolgens pleit de organisatie voor het opstellen en uitvoeren van wetten die vrouwen beschermen tegen geweld in conflictsituaties en geweldplegers straffen. Een derde doelstelling van de campagne is de landen eraan te herinneren dat ze verantwoordelijk zijn voor het nakomen van bestaande verplichtingen om geweld tegen vrouwen volgens de bestaande internationale wetten te voorkomen, onderzoeken, straffen en op te volgen. Ten slotte vraagt Amnesty dat er effectief actie wordt ondernomen om het geweld tegen vrouwen te bestrijden.

In België is één op vijf vrouwen het slachtoffer van huiselijk geweld. Volgens de Raad van Europa is huiselijk geweld de belangrijkste doodsoorzaak van vrouwen tussen 16 en 44 jaar. De Wereldgezondheidsorganisatie rapporteerde dan weer dat zeventig procent van de vrouwelijke slachtoffers van moord om het leven werd gebracht door hun partner.