Milieubewegingen tegen opslag radioactief afval in Mol en Dessel

Print
Nu de gemeenteraden van Waalse Fleurus en Farciennes in Wallonië zich negatief uitgesproken hebben over het federaal bergingsproject van nucleair afval op hun grondgebied, vragen Greenpeace en Bond Beter Leefmilieu aan federaal minister voor Energie Marc Verwilghen een herziening van de reeds goedgekeurde bergingsprojecten in de Kempense gemeenten Mol en Dessel. Ze vinden de controle en de evolutie van het afval op langere termijn nog te onduidelijk.
"Er is nog steeds geen technisch en juridisch sluitende definitie van het afval, die meer dan nodig is om de kost voor de berging te bepalen. Het huidige project in Mol-Dessel komt neer op een blanco cheque voor Electrabel dat de federale regering niet mag goedkeuren.", aldus Greenpeace en de Bond Beter Leefmilieu.

Fleurus, Farciennes, Mol en Dessel gingen eind jaren '90 in op een vraag van de Nationale Instelling voor Radioactief Afval en verrijkte Splijtstoffen (NIRAS) om te bestuderen of het mogelijk zou zijn om Belgische laagradioactief kernafval op te bergen. NIRAS was al jaren op zoek naar een definitieve oplossing voor het stockeren van dergelijk kernafval.
Volgens Greenpeace en de Bond Beter Leefmilieu hebben de gemeenteraden van Fleurus en Farciennes die beslissing genomen omdat de ondergrondse kernopslag met heel wat onzekerheden beladen is, zowel op vlak van milieu, gezondheid als veiligheid.
De federale regering heeft nog twee bergingsprojecten op tafel liggen, één in Dessel en één in Mol, maar Greenpeace en Bond Beter Leefmilieu vinden dat beide projecten even onzeker zijn. Ze vragen daarom aan de federale regering om de projecten te herzien.
Nu in het nieuws