"Inburgeringsbeleid Vlaams-Brabant verloopt moeizaam"

Print
Het inburgeringsbeleid in Vlaams-Brabant verloopt erg moeizaam vergeleken met andere provincies. Dat stelde Mark Demesmaeker (N-VA) vrijdag in Halle op een persconferentie.
Toch is er geen sprake van een doemscenario. Er zijn enkele verzachtende omstandigheden, erkent het Vlaams parlementslid.
Op 1 april vorig jaar trad het Vlaams inburgeringsdecreet in werking. Demesmaeker maakte vrijdag met cijfers in de hand een balans op van hoe Vlaams-Brabant het er het eerste jaar vanaf bracht. Zo bleek dat zich op een jaar tijd 4.957 nieuwkomers in de provincie vestigden. Dat is achttien procent van alle nieuwkomers in Vlaanderen. Vlaams-Brabant -vooral Leuven lijkt een aantrekkingspool- scoort daarbij het tweede hoogst in Vlaanderen.
Enkel Antwerpen ontving (opmerkelijk) meer nieuwkomers.
Belangrijk is ook dat het aandeel geregulariseerden en arbeidsmigranten (30 procent) in Vlaams-Brabant een pak hoger ligt dan het Vlaams gemiddelde (negentien procent). Dat heeft vooral te maken met de rol van Brussel als Europese hoofdstad.
Een eerste pijnpunt is het aantal effectieve aanmeldingen bij het onthaalbureau met het oog op een inburgeringstraject. Daar scoort het Vlaams-Brabantse onthaalbureau het slechtst met 540 aanmeldingen op een jaar tijd. Het Vlaamse gemiddelde ligt op 986 aanmeldingen per onthaalbureau. "Een op de tien nieuwkomers die hiertoe per brief wordt opgeroepen, meldt zich ook effectief bij het onthaalbureau aan. Voor heel Vlaanderen gaat het om één op drie", aldus Demesmaeker.
Nu in het nieuws