Mogelijk een meer met vloeibare koolwaterstoffen op Titan ontdekt

De Saturnussonde heeft op het oppervlak van de maan Titan een donkere vlek ontdekt die een vroeger of een nog bestaand meer van vloeibare koolwaterstoffen kan zijn, zo heeft het Europese Ruimtevaartbureau ESA bekendgemaakt.

Belga

Bij een vrij verre passage langs de grootste maan van ons zonnestelsel nam de Amerikaanse-Europese-Italiaanse Cassini op 6 juni foto's van een plaats op de zuidelijke pool van Titan. Het is een donkere vlek waarvan de omtrek doet denken aan de "kustlijnen" van aardse meren die te maken hebben gekregen met erosie door water of afzettingen. De plek ligt in het meest bewolkte gebied van de Saturnusmaan. Er woeden dikwijls convectiestormen waardoor het de meest waarschijnlijke plaats is van recente methaanneerslag. Mogelijk zijn sommige stormen er zo hevig dat de methaanregen het oppervlak bereikt. Gezien de koude temperaturen op de grootste maan van Saturnus kan het dan een tijd duren eer bijeengekomen vloeibaar methaan evaporeert. Het is aldus niet uitgesloten dat een meer van methaan lang aanwezig kan blijven.

Indien de hypothese klopt, kunnen soortgelijke, kleinere, geziene plekken ook wel eens koolwaterstofreservoirs zijn, aldus ESA. Een andere verklaring is dat het een opgedroogd meer betreft en nog een andere is dat het gewoon een brede depressie in het terrein is, gevuld door donkere vaste koolwaterstoffen die er uit de atmosfeer in terechtgekomen zijn.

Het vermeende meer meet 234 op 73 km, of zowat de grootte van het Ontariomeer aan de Amerikaans-Canadese grens.