Districtsvoorzitter Van Nuffel uit zware kritiek op stadsbestuur

Stadhuisbetutteling, uithollingstactieken en ivoren toren aan de Grote Markt. Wilrijks districtsvoorzitter Gilbert Van Nuffel (VLD) neemt niet snel deze woorden in de mond, maar de huidige mentaliteit in het stadhuis over de districten zit hem hoog.

jforier

Van Nuffel is niet alleen districtsvoorzitter. Hij lag als coördinator van de werkgroep decentralisatie binnen de VLD mee aan de basis van de huidige districtswerking. ”De districtsbesturen kwamen tot stand met duidelijke en begrijpelijke bestuursakkoorden waarin een beleid op maat van de burger werd uitgestippeld”, zegt Van Nuffel.

”Helaas, sommige Antwerpse schepenen - volmondig ondersteund door topambtenaren - hebben een mindere decentralisatiereflex en dat merkt men maar al te duidelijk. De districtsbesturen zouden teveel vat hebben op een aantal beleidsdomeinen en dat zit niet lekker.” ”Beseffend dat de klok van de decentralisatie niet kan worden teruggedraaid, wordt dan maar de uithollingstactiek toegepast. Knabbelen aan de jaarlijkse dotatie die aan de districten wordt toegewezen of het terugschroeven en zelfs niet uitvoeren van districtsbeslissingen zijn slechts enkele voorbeelden. Om maar te zwijgen over de geregeld ongepaste stadhuisbetutteling.”

Volgens de districtsvoorzitter beschouwt de stad de districten als een blok aan het been. ”En toch, het overdragen van bevoegdheden heeft tot een oordeelkundiger beleid in de districten geleid. De stedelijke willekeur bij straten- en groenaanleg is vervangen door een meer doordachte aanpak. Cultuur-, sport- en jeugdbeleid zijn nu op districtsmaat en de eigenheid van elk district is beter gewaarborgd.”

De Hoge Raad voor Binnenlands Bestuur verstrekte vorig jaar een advies over de voorbije periode van districtswerking in Antwerpen. De evaluatie was niet onverdeeld positief. ”Daarvoor zijn er nog teveel kinderziektes die dringend een oplossing vragen,” luidde het. Maar de Hoge Raad voegt eraan toe dat ”de districten door de eigen bevoegdheden een duidelijk potentieel hebben tot het verkleinen van de kloof tussen burger en bestuur.”

”Het blijft een uitdaging om ook na 2006 de districten in goede banen te leiden”, zegt Van Nuffel. ”Een uitdaging omdat er nog bergen dienen verzet te worden vooraleer er vanuit de stad een politieke en bestuurlijke cultuur wordt ontwikkeld die de districten mee in alle beleidsinitiatieven inpast. Die ‘cultuur’ is eindelijk aan het ontkiemen, stelt de Hoge Raad vast. Sta ons toe om, rekening houdend met de recente aanvaringen tussen de districten en het centrale beleid, daaraan te twijfelen. De meerwaarde die de decentralisatie aan het stedelijke beleid geeft, wordt in de ivoren toren aan de Grote Markt niet altijd begrepen.”