Meer Antwerpse transitwoningen voor slachtoffers huisjesmelkers

Print
Het Antwerps college heeft vrijdag beslist tien appartementen in stadseigendom te gebruiken als transitwoning voor slachtoffers van huisjesmelkers. Daarmee wordt de capaciteit voor dergelijke tijdelijke noodopvang uitgebreid van 12 naar 26 plaatsen.
Sinds eind 2003 beschikt de woondienst over twee transitwoningen in Deurne. Vorig jaar kwamen daar twee appartementen in Borgerhout bij. De tien nieuwe transitappartementen zijn ook in beide gemeenten gelegen.

Volgens de stad is dergelijke noodopvang nodig. Vorig jaar voerde de stedelijke woondienst samen met een team van de politie en de Vlaamse overheid immers 112 ontruimingsacties uit, waarbij voor 152 personen opvang moest worden voorzien. Daarvan kwamen in totaal 30 gezinnen in één van de transitwoningen terecht. De rest werd opgevangen door het OCMW, bij familie en vrienden of in een hotel.

De bewoners worden tijdens de duur van hun verblijf begeleid door een maatschappelijk werker, die onder meer helpt zoeken naar een definitieve woning. Vorig jaar stroomden op die manier 19 mensen door naar een nieuwe woning op de privémarkt, terwijl negen mensen bij de sociale huisvestingsmaatschappijen terecht konden, één bewoner een appartement kreeg van het OCWM en een andere in een woning van de stad zelf woont.

.

Nu in het nieuws