Werkstraffen kunnen voortaan in het leger

Voortaan kunnen werkstraffen ook in het leger worden uitgevoerd. Minister van Justitie Laurette Onkelinx en haar collega van Defensie André Flahaut (beiden PS) hebben daarover maandag op de militaire vliegbasis in Bevekom een protocolakkoord ondertekend.

Belga

De veroordeelden kunnen bijvoorbeeld worden ingeschakeld voor het onderhoud van de gebouwen of bij mechanisch onderhoud. Sinds mei 2002 kunnen rechters een autonome werkstraf uitspreken. De duur van de straf bedraagt minstens 20 en maximaal 300 uren. De mogelijkheid kent heelwat bijval. Zo werden in 2003 4.597 nieuwe dossiers naar de justitiehuizen doorverwezen. Vorig jaar waren dat er al 7.369, zei minister Onkelinx. Bovendien stijgt het aandeel van de werkstraffen ten opzichte van het totale gamma aan straffen.

De vice-premier is alvast tevreden dat er steeds meer alternatieve straffen worden uitgesproken. "Niet enkel omdat er minder celstraffen worden opgelegd, maar vooral omdat ik hoop dat alternatieve straffen, bijvoorbeeld werkstraffen, als reactie op buitensporig gedrag als volwaardige straffen zullen worden erkend en toegepast", zei ze.

De groeiende populariteit van de werkstraffen doet evenwel de nood aan nieuwe werkplaatsen toenemen. Werkstraffen - het gaat overigens om niet-verloonde arbeid - kunnen immers niet zomaar om het even waar worden uitgevoerd. Enkel openbare diensten komen in aanmerking. Het akkoord met Defensie kan hier mee een mouw aan passen.

Aan de ondertekening van het protocol gingen twee proefprojecten in de kazernes van Lagland (Aarlen) en Gavere (Gent) vooraf. Die werden positief onthaald. Onkelinx had het nog over de "interessante diversiteit aan voorgestelde activiteiten" die de mensen met een werkstraf in het leger kunnen uitvoeren. In Bevekom gaat het om onderhoud van veld en bos, onderhoud van gebouwen, hulp aan het museum en mechanisch onderhoud. Ook de horeca op de basis kan in aanmerking komen. Vanzelfsprekend zijn militaire taken uit den boze. Onkelinx opperde ook de mogelijkheid om mensen met werkstraffen in te zetten bij natuurrampen (overstromingen) waarbij de inzet van militairen wordt gevraagd.

Ook minister Flahaut staat achter de samenwerking. Hij zag naar eigen zeggen de proefprojecten met vertrouwen tegemoet door het succes van de projecten die Defensie op zijn actief had rond de herintegratie van jongeren. Hij verwees naar de tientallen jonge delinquenten die elk jaar in Benin met Belgische militairen meewerken bij het opbouwen van scholen, dispensaria en wegen. "Meer dan een opdracht, moeten deze alternatieve straffen worden beschouwd als een aansporing tot burgerzin", vindt Flahaut. "Een losgeslagen jongere of een jonge delinquent toelaten zich opnieuw in onze samenlevingsstructuren te integreren via dit soort straffen, zal het in elk geval toelaten te vermijden dat hij wordt gerecupereerd door extremistische bewegingen", zei hij.

Het samenwerkingsprotocol wordt na de ondertekening voorgesteld in de verschillende gerechtelijke arrondissementen. De evolutie en de latere evaluatie van het project worden volgens Onkelinx een "inspiratiebron voor de zoektocht naar andere samenwerkingsverbanden. Ik denk bijvoorbeeld aan een samenwerking met de civiele bescherming", aldus de PS-bewindsvrouw.

Nu in het nieuws