Politie blijft bestuurders attent maken op alcoholcontroles

Print
Met de campagne 'Vlieg niet tegen de lamp' vestigt de Antwerpse politie er de aandacht op dat ook na 1 januari 2005 de alcoholcontroles dagelijkse kost zullen zijn.
Cijfers tonen immers aan dat mensen na de feestdagen denken dat de controles een stuk verminderen. Niets is minder waar, zegt commissaris Hubert Ruypers donderdag tijdens de voorstelling van de campagne die in samenwerking met verzekeraar DVV en de stad Antwerpen loopt.
Liefst 3,4 procent van de chauffeurs reed in januari 2004 onder invloed. "Ervaring leert ons dat nogal wat bestuurders denken dat de BOB-campagnes afgelopen zijn na de feestdagen en er dus geen risico meer bestaat om 'gepakt' te worden", vertelt Ruypers. "Met deze campagne willen we deze veronderstelling doorbreken. Zeker in het vooruitzicht van alle komende recepties is dat nodig. Vandaar onze boodschap: ook in januari wordt intensief gecontroleerd."
De campagne is vooral gericht op mannen want slechts 1,1 procent van de vrouwen rijdt onder invloed. Bij mannen bedraagt dit percentage 2,7. Mannen hebben bovendien vaak hogere alcoholconcentraties in hun bloed. Wat volgens Ruypers wel opvalt is dat de grenzen tussen de leeftijdscategorieën vervagen.
In 2004 zullen meer dan 24.000 bestuurders een ademtest hebben afgelegd. Maar het percentage bestuurders onder invloed daalt niet. Vandaar dat een voortdurende herhaling van de boodschap met verwijzing naar de pakkans zo belangrijk is, zegt de Antwerpse politie. Eerder dit jaar voerde ze daarom al de actie 'Met BOBsinjoor gaat het feestje door' en 'Tournee Generale'.

.

Nu in het nieuws