Burundi sluit grenzen met Congo

Print
Burundi heeft maandag de grenzen met het buurland Congo gesloten na de massaslachting van vrijdag in een vluchtelingenkamp voor Congolese Tutsi's.
Hoewel de aanval, waarbij zeker honderdvijftig mensen werden gedood, is opgeëist door een Burundese Hutu-rebellengroep, waren er volgens Burundi ook Congolezen en Rwandezen bij betrokken. Overlevenden van de massaslachting begraven maandag hun dierbaren die bij de aanval omkwamen in een massagraf. De slachtoffers werden met vuurwapens of machetes gedood of levend verbrand. De Burundese president en vice-president zullen de begrafenis bijwonen.

De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties veroordeelde de slachting zondagavond in scherpe bewoordingen. De raad eist dat de daders "zonder uitstel" worden bestraft. Het vluchtelingenkamp waar het bloedbad plaatsvond is opgezet door de VN. De raad kwam op verzoek van Frankrijk in spoedzitting bijeen. Alle vijftien leden stemden in met een verklaring waarin de voorzitter, de Russische ambassadeur Andrej Denisov, de massaslachting "met de grootste kracht" veroordeelde. In de verklaring vraagt de raad de gezanten van de VN in Burundi en Congo een feitenonderzoek in te stellen en doet de raad een beroep op de autoriteiten in die twee landen om "actief samen te werken", opdat de daders en de verantwoordelijken gestraft worden.

Ook secretaris-generaal Kofi Annan betoonde zich "geschokt en woedend" over de aanval. Hij riep de presidenten van Congo, Burundi en Rwanda op terughoudendheid te betrachten en de nodige stappen te nemen om een verdere verslechtering van de situatie in het gebied te voorkomen. De Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties, Ruud Lubbers, veroordeelde de aanval, die hij een "weerzinwekkende massaslachting van onschuldige burgers" noemde. In een zondag in Genève uitgegeven verklaring deed Lubbers een beroep op de regering van Burundi om de overgebleven vluchtelingen te beschermen en voor hen een nieuw kamp in te richten.

In het kamp in Gatumba woonden ongeveer 860 vluchtelingen. De meeste overlevenden werden opgevangen in een nabijgelegen school, terwijl een honderdtal naar de hoofdstad Bujumbura vertrok om onderdak te zoeken.

Het kamp was een van de drie doorgangscentra die in juni werden ingericht om twintigduizend vluchtelingen uit de Congolese streek Zuid-Kivu op te vangen. De Burundese president heeft het bloedbad "een schande" genoemd en de regering in Congo gevraagd te helpen bij het onderzoek. Ook de presidenten Joseph Kabila van Congo en Paul Kagame van Rwanda hebben de aanval veroordeeld.

.

Nu in het nieuws