OVSE noemt Russische verkiezingen nederlaag voor democratisering

Print
De zondag gehouden parlementsverkiezingen in Rusland voldeden niet aan de internationale wettelijke eisen en de democratisering in het land heeft een stap achteruit gezet. Dat heeft de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) maandag verklaard.
Met haar kritiek richtte de OVSE zich niet zozeer op de stemming zelf, die overwegend zonder incidenten verliep, maar vooral op de overweldigende media-aandacht die Verenigd Rusland, de partij die het beleid van president Vladimir Poetin steunt, in de aanloop naar de verkiezingen kreeg. "Het uitgebreide gebruik van het staatsapparaat en de media (...) in het voordeel van Verenigd Rusland creëerde oneerlijke omstandigheden voor de andere partijen en kandidaten", zei Bruce George, de voorzitter van de OVSE-commissie die naar Rusland afreisde. Daardoor zal een aantal legitieme oppositiepartijen de kiesdrempel waarschijnlijk niet gaan halen, aldus George.

Ook het hoofd van de commissie van waarnemers van de Raad van Europa, David Atkinson, uitte kritiek op de gang van zaken in de aanloop naar de verkiezingen. "Deze verkiezingen waren vrij, maar zeker niet eerlijk", zei hij. De Raad van Europa en de OVSE stuurden samen 600 waarnemers naar Rusland voor de verkiezingen. President Poetin zei op de televisie, zonder een van beide organisaties overigens te noemen, dat de verkiezingen "een nieuwe stap" zijn "ter versterking van de democratie in Rusland". Verenigd Rusland stevende maandagmiddag af op een grote overwinning bij de verkiezingen. Met ruim 90 procent van de stemmen geteld, stond de partij met 36,8 procent aan kop. De Communistische Partij, die van te voren werd beschouwd als de grootste concurrent van Verenigd Rusland, bleef met 12,7 procent van de stemmen ver achter. De Liberaal-Democratische Partij van Rusland van de nationalist Vladimir Zjirinovski, die zich over het algemeen achter president Poetin schaart, stond met 11,8 procent op de derde plaats.

Moederland, een nieuwe patriottische partij van communisten en nationalisten, wist 9 procent van de stemmen binnen te halen. Politieke analisten denken dat Moederland op initiatief van het Kremlin is opgericht om kiezers weg te lokken bij de Communistische Partij, wat inderdaad lijkt te zijn gelukt. De liberale partijen Jabloko en de Unie van Rechtse Krachten (SPS) dreigen met respectievelijk 4,3 en 3,9 procent onder de kiesdrempel van 5 procent voor vertegenwoordiging in het parlement te blijven. SPS-leider Boris Nemtsov sprak zijn ongerustheid uit over de verkiezingswinst van Verenigd Rusland en de nationalistische partijen. "De meerderheid zal behoren aan degenen die staan voor een politiestaat, voor inperking van burgerlijke vrijheden, voor opdoeken van onafhankelijk rechterlijk gezag" en voor een vijandige houding tegenover Ruslands buurlanden en het Westen, zei Nemtsov. De leider van de communisten, Gennadi Zjoeganov, deed de verkiezingen af als een "weerzinwekkende vertoning (...) die niets van doen heeft met democratie".

De Russische kiezers konden weinig enthousiasme opbrengen voor de verkiezingen. De opkomst stond twee uur voor de sluiting van de stembureaus op 47,6 procent, beduidend lager dan de 53,9 procent die in 1999 op hetzelfde tijdstip werd geregistreerd. Bijna 5 procent van de kiesgerechtigden, zo'n 2,8 miljoen mensen, stemde op "geen van allen". In het hele land waren verscherpte veiligheidsmaatregelen van kracht naar aanleiding van de bomaanslag van vrijdag op een passagierstrein nabij Tsjetsjenië waarbij meer dan veertig mensen omkwamen.

Analisten stellen dat Verenigd Rusland en zijn bondgenoten hopen op een tweederde meerderheid, zodat grondwetshervormingen makkelijk kunnen worden doorgevoerd. Poetin, die in Rusland tamelijk populair is, lijkt bij de voor maart aangekondigde presidentsverkiezingen zonder veel problemen een tweede termijn in de wacht te kunnen slepen. Met een tweederde meerderheid zou dankzij een grondwetswijziging zelfs een derde termijn binnen bereik komen.

De helft van de 450 zetels in de Doema wordt evenredig verdeeld over partijen die minstens 5 procent van de stemmen behalen. De overige 225 zetels gaan naar de winnaars van afzonderlijke districten die wel of niet aan een partij gebonden zijn. Hoe de verhoudingen in het lagerhuis verdeeld zijn zal pas blijken als ook die resultaten bekend zijn.

.

Nu in het nieuws