Ministers in de clinch op de IGC in Rome

Print
Na de openingszitting van de Intergouvernementele Conferentie (IGC) in Rome hebben de ministers van Buitenlandse Zaken een eerste werkvergadering gehouden. Volgens vice-premier Louis Michel kwam het tot een bijzonder moeilijke discussie. "Er zijn nog altijd landen, aldus Michel, die het werk van de Conventie niet als uitgangspunt van de regeringsconferentie beschouwen."
 
Spanje, Polen, Oostenrijk, Hongarije en Finland blijven rond essentiële punten de autoriteit van de Conventie in vraag stellen en blijven de oplossingen die in december 2000 in Nice werden bedacht, verkiezen. Dat geldt ondermeer voor de stemverhoudingen.
 
Zowel Spanje als Polen haalden in Nice het onderste uit de kan en slaagden er tijdens de Conventie niet meer in om dezelfde machtspositie af te dwingen. Ook niet wat de zetels in het Europees Parlement betreft. De 2 landen aanvaarden op die 2 punten de autoriteit van de Conventie-teksten niet. In mindere mate zitten Oostenrijk, Hongarije en Finland met een gelijkaardige frustratie over andere punten van het grondwettelijk verdrag.
 
Minister Michel is in Rome tegen de houding van de 5 en de "particularistische obsessies" van sommige lidstaten storm gelopen. "Er is binnen de Conventie maanden over al die heikele punten grondig van gedachten gewisseld," zo stelde de minister. "Hoe zouden we nu plots iets beters vinden?"
Nu in het nieuws