IRIS-ziekenhuizen weigeren remgeld bij spoeddiensten

Print
De Brusselse openbare ziekenhuizen gaan patiënten die zich aanmelden bij de spoedgevallendiensten niet om een bijdrage van 12,5 euro vragen. De raad van bestuur van het Irisnetwerk verzet zich daartegen.
Een koninklijk besluit van minister van Sociale Zaken Frank Vandenbroucke maakt het voor ziekenhuizen mogelijk om vanaf 1 maart 12,5 euro te vragen aan patiënten die zich met kleine niet dringende problemen op de spoeddienst aanmelden en er dus eigenlijk niet thuishoren. Men hoopt zo het misbruik van de spoedgevallen tegen te gaan.

De IRIS-ziekenhuizen doen er niet aan mee, "niet alleen omdat de maatregel ongelijkheid in de hand werkt, maar ook omdat die geen oplossing brengt voor het reële probleem van de overbelasting van de spoeddiensten", zegt de raad van bestuur van de Iris-koepel. De koepel van negen openbare ziekenhuizen in Brussel gaat onderzoeken hoe patiënten op de spoeddienst door huisartsen met een brevet acute geneeskunde en door verzorgend personeel kunnen opgevangen worden.

Die opvang, een soort consultatie, heeft in de eerste plaats tot doel de patiënt door te verwijzen naar de meest geschikte zorgstructuur. Dit experiment wordt al toegepast in het Sint-Pietersziekenhuis, waar bewezen is dat het goed functioneert, zo luidt het.
Een andere oplossing moet komen van een studie die momenteel in Brussel aan de gang is. De studie waar naast twee openbare ziekenhuizen van het IRIS-net, huisartsen en wachtdiensten aan deelnemen, onderzoekt het profiel van de personen die een beroep doen op de spoeddiensten en gaat na of dit voor hen de beste keuze is.

De resultaten van die studie moeten "het mogelijk maken een structureel antwoord te bieden op een reëel sociaal en cultureel grootstedelijk probleem, in plaats van een individuele financiële maatregel die penaliserend en onrechtvaardig is", besluit de leiding van de Iris-koepel.
MEEST RECENT