"Kinderen van lesbiennes ontwikkelen normaal"

Kinderen uit lesbische gezinnen ontwikkelen zich emotioneel en gedragsmatig op een vergelijkbare manier als kinderen van heteroseksuele koppels. Wel ondervinden ze meer moeilijkheden op school, want een kwart van hen wordt gepest met de niet-traditionele gezinssituatie. Dat blijkt uit het doctoraatsonderzoek van Katrien Vanfraussen van de Vrije Universiteit Brussel.

Belga

Alsmaar meer lesbische koppels kiezen voor kinderen. In het fertiliteitscentrum van de VUB komen zo'n vijf lesbische stellen per dag over de vloer voor een inseminatie met donorzaad, aldus Vanfraussen. Maar toen de VUB begin jaren '80 met inseminatie van lesbiennes startte, wekte dat heel wat kritiek los.

Tegenstanders vreesden immers dat de ongewone familietoestand een negatieve invloed zou hebben op het algemeen welzijn van de kinderen en aanleiding zou geven tot plagerijen door leeftijdgenoten. Om die opvattingen te toetsen aan de werkelijkheid, besloot de VUB tot een follow-upstudie.

De onderzoekster kwam tot de bevinding dat wie opgroeit in een lesbisch gezin daar geen negatieve invloed van ondervindt. Kinderen van lesbische en heteroseksuele stellen blijken eenzelfde gedrag te vertonen. Wel signaleerden leerkrachten meer problemen bij kinderen met twee moeders. "Een mogelijke verklaring is dat leraars ten opzichte van die kinderen waakzamer zijn. Verder onderzoek zal hieromtrent duidelijkheid moeten verschaffen", aldus Vanfraussen. Maar ook de kinderen van lesbische koppels rapporteren het soms moeilijk te hebben op school. Zo wordt een kwart van hen gepest met de gezinssituatie. "Maar ze worden niet méér gepest dan anderen", zegt Vanfraussen.

Nu in het nieuws