Israël sloopt huizen terreurverdachten; beleg Arafat duurt voort

Het Israëlische leger heeft woensdag op de Westelijke Jordaanoever de huizen van vier Palestijnse terreurverdachten met de grond gelijk gemaakt. De vier zouden verantwoordelijk zijn geweest voor de dood van zeven Israëliërs en twee internationale waarnemers in maart van dit jaar.

AP Ned

In Hebron, waar Israëliërs in joodse delen van de stad deze week het oogstfeest Sukkot vieren, werden twee huizen van Palestijnse families door het leger gevorderd. Volgens ooggetuigen plantte het leger er vervolgens de Israëlische vlag. In het overwegend Palestijnse Hebron geldt sinds maandag, toen een Palestijn er een Israëlische familie onder vuur nam, een streng uitgaansverbod voor Palestijnen in de buurt van de joodse buurten. In Ramallah gaat ondertussen de belegering van het hoofdkwartier van Yasser Arafat door. Israël eist nog steeds de overgave van zo'n tweehonderd Palestijnen die zich in het omsingelde complex van de Palestijnse Autoriteit bevinden.

De Israëlische minister van buitenlandse zaken Shimon Peres verklaarde woensdag dat Israël geen gevolg zal geven aan de resolutie van de VN-Veiligheidsraad waarin Israël wordt gemaand de belegering van Arafat te staken. Volgens Peres is het beleg van het Palestijnse hoofdkwartier gerechtvaardigd omdat de Palestijnen door blijven gaan met het plegen van aanslagen in Israël, volgens Peres met medeweten van de Palestijnse Autoriteit.