Zes doden bij aanslag op christelijke organisatie in Karachi

Onbekenden hebben woensdag in het kantoor van een christelijke liefdadigheidsorganisatie in de Pakistaanse havenstad Karachi zeker zes mensen doodgeschoten na hen op stoelen te hebben vastgebonden. De slachtoffers, die in het hoofd werden geschoten, waren drie Pakistaanse christenen en drie moslims die ook voor de organisatie werkten, aldus de politie. Nog eens vier mensen raakten gewond, van wie één levensgevaarlijk.

AP Ned

De slachting werd aangericht in het kantoor van het Instituut voor Vrede en Gerechtigheid, een christelijke Pakistaanse organisatie. Het kantoor is gevestigd op de tweede verdieping van een twaalf verdiepingen tellend gebouw in de zakenwijk van Karachi. Het was niet bekend hoeveel daders er waren, noch tot welke organisatie zij behoorden. Honderden agenten hadden het gebouw aan het eind van de morgen omsingeld.

Het Instituut voor Vrede en Gerechtigheid is sinds dertig jaar actief in Karachi. Het helpt slecht betaalde werknemers bij overheidsdiensten en in de textielindustrie bij hun strijd om arbeidsrechten en werkt samen met mensenrechtengroepen. De Pakistaanse minister van informatie, Nisar Memon, veroordeelde de aanslag en noemde de daders vijanden van Pakistan. Hij zei dat de "laffe aanslag op ongewapende christelijke burgers" Pakistan niet af zou houden van voortgaande samenwerking met de wereldgemeenschap in de oorlog tegen het terrorisme.

Het nieuwe geweld komt op een moment dat de Pakistaanse regering juist meende met een grootscheepse campagne tegen extremistische groepen een eind te hebben gemaakt aan de aanslagen tegen christenen en westerlingen. Deze maand zijn 23 leden van de Harakat ul-Mujahedeen Al-Almi gearresteerd. Ook werden wapens en explosieven gevonden, plus plattegronden van twee kerken en een christelijke school. Al-Almi wordt onder andere verantwoordelijk gehouden voor een in mei gepleegde autobomaanslag, die aan dertien Fransen het leven kostte, en een bomaanslag bij het Amerikaanse consulaat. President Pervez Musharraf zei eerder deze maand nog in een vraaggesprek dat op een enkeling na alle kopstukken achter de tralies zaten. Sinds Musharraf besloot zich aan te sluiten bij de oorlog tegen het terrorisme zijn bij aanslagen op christelijke en westerse organisaties 36 doden en ongeveer 100 gewonden gevallen.

Op 9 augustus werden granaten gegooid naar gelovigen die een kerk op het terrein van een presbyteriaans ziekenhuis in Taxila, 40 kilometer ten westen van Islamabad, verlieten. Vier verpleegsters kwamen om en 25 mensen raakten gewond. Twee mannen die de aanvallers van geweren en granaten zouden hebben voorzien zijn in de afgelopen dagen aangehouden. Vier dagen voor de aanslag in Taxila overvielen onbekenden een christelijke school op 65 kilometer ten oosten van de hoofdstad en doodden er zes mensen.

Op 17 maart kwamen vijf mensen, onder wie een Amerikaanse vrouw, haar 17-jarige dochter en de aanvaller, om bij een granaataanslag op een protestantse kerk in de diplomatenwijk van Islamabad.