Voor het eerst grote hoeveelheden anti-waterstofatomen aangemaakt

Een internationaal onderzoeksteam is er voor het eerst in geslaagd in het Europese deeltjeslabo CERN grote hoeveelheden anti-waterstofatomen aan relatief lage temperaturen te produceren, zo heeft het CERN zelf meegedeeld voorafgaand aan een publicatie in het wetenschappelijke vakblad Nature. De vondst kan meer leren over de precieze samenstelling van de kosmos.

Belga

Bij het Athena-experiment waren onder leiding van Michael Doser wereldwijd 39 wetenschappers uit negen wetenschappelijke instellingen betrokken. De vorsers joegen hoog-energetische anti-protonen eerst door de Anti-Proton Afremmer (AD) van het CERN in Genève. Dit apparaat reduceerde hun aanvangssnelheid, die van het licht.

Daarop "ving" Athena dankzij het scheppen van electromagnetische velden anti-protonen en remde ze verder af tot enkele miljoen keren trager dan de lichtsnelheid, wat gelijk staat met afkoelen tot vijftien graden onder het absolute nul (min 258 graden celsius). Dit geheel van "gevangen" anti-protonen werd vervolgens vermengd met koude positronen. Die procedure werd vervolgens twee keer herhaald. Zo ontstonden onverwacht grote hoeveelheden anti-waterstofatomen.

Anti-deeltjes bestaan vermoedelijk alleen - kunstmatig aangemaakt - op Aarde. Bij de Big Bang en dus het ontstaan van het heelal, zou er materie en anti-materie zijn ontstaan, in parallelle gelijke hoeveelheden. Doch nog geen seconde na die Oerknal lijkt alle anti-materie te zijn verdwenen, zonder een spoor na te laten. Deeltjes en anti-deeltjes vernietigen elkaar en transformeren zich tot energie. Zeer snel na de Oerknal moet er aldus een lichte assymetrie zijn ontstaan zodat de materie het haalde op de anti-materie. Toch was dat overwicht voldoende om onze wereld te doen ontstaan. De vraag is nu wat die vermeende "anti-wereld" precies inhoudt. De overvloedige productie van anti-waterstofatomen kan die vraag helpen beantwoorden.