Belgisch-Luxemburgse fiscale conventie

De Belgisch-Luxemburgse fiscale conventie treedt vanaf 2002 in voege. De effecten zullen in 2004 zichtbaar zijn, zo heeft minister van Financiën Didier Reynders donderdag in Bastenaken gezegd waar hij een stand van zaken over de vorderingen van de conventie maakte. De conventie moet de dubbele belastingheffing voorkomen. Reynders noemde de conventie "een fiscaal mirakel" dat naast de grensgemeenten vooral de grensoverschrijdende pendelaars ten goede komt.

Belga

De Belgen die in het Groothertogdom Luxemburg werken, betalen hun belastingen op de plaats van tewerkstelling. Dit betekent een gemis aan inkomsten voor de gemeenten van de provincie Luxemburg die geen bijkomende heffingen op de belasting voor natuurlijke personen recupereren.

De conventie laat toe dit tekort te ondervangen. De belastingplichtige betaalt geen bijkomende belasting, maar het Groothertogdom stort aan België, via de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie Conventie, een jaarlijkse som van 15 miljoen euro, geïndexeerd en heronderhandelbaar in 2005. Dat bedrag wordt onder de grensgemeenten verdeeld, overeenkomstig het aantal grenspendelaars.

Een punt in de conventie regelt de bijzondere gevallen van internationale vrachtvervoerders. Zij zullen belast worden in de staat waar de effectieve directiezetel van hun onderneming gevestigd is en niet langer in de staat waar zij hun activiteiten uitvoeren.

"In drie jaar tijd hebben we conventies van dit type ondertekend met Luxemburg, maar ook met Nederland en Duitsland. Deze laatste zullen toepasbaar zijn in respectievelijk 2005 en 2006", aldus minister Reynders. Deze conventies zijn vergelijkbaar met de conventie met het Groothertogdom, maar de Belgen die in Duitsland en Nederland werken betalen zelf de compenserende belasting aan de gemeenten".

Elke dag werken 55.000 Belgische burgers in de buurlanden: 9.000 in Duitsland, 18.000 in Nederland, 25.000 in Luxemburg en 3.000 in Frankrijk. Met dit laatste land wil Reynders de onderhandelingen hernemen.