Geen pasjes meer voor autogebruik op autoloze zondag

Wie zondag met de auto in Brussel moet zijn, komt te laat. In geen enkele van de 19 gemeenten in het Brussels Gewest zijn nog pasjes te krijgen om op de autoloze zondag toch met de wagen door de hoofdstad te rijden. Ondertussen groeit de weerstand bij de bevolking en de horeca.

Belga

Onder het motto "Zonder auto mobiel in de stad" worden zondag 22 september in heel Europa stadsdelen autoluw- of autovrij gemaakt.

Als Europese hoofdstad wil Brussel het goede voorbeeld geven en wordt het hele gewest autovrij gemaakt. Enkel wie een uitzonderingspasje heeft, mag toch zijn wagen inspringen, al wordt de maximumsnelheid beperkt tot een slakkengang van 30 km per uur. Voor die pasjes was het de laatste dagen in de 19 Brusselse gemeenten aanschuiven geblazen.

"De gemeenten worden momenteel nog altijd overstelpt met vragen voor een uitzonderingspasje. Maar het is te laat. Woensdag was de laatste dag", stelt Annemie Pijcke van de Brusselse Raad voor Leefmilieu (Bral), die de autoloze zondag in Brussel. "Wie echt niet met het openbaar vervoer naar zijn bestemming kan, raden we aan om op de dag zelf nog een pasje te vragen aan de politie die het verkeer aan de rand van het Gewest tegenhoudt".

Toch zal ook dat zeer moeilijk worden. Net als aan de gemeenten zal aan de politie gevraagd worden om niet zomaar aan iedereen pasjes uit te delen. "We hadden een 10.000 pasjes gedrukt, en we menen dat dat ruim voldoende moet zijn", vindt Pijcke. Begin deze week waren er in Brussel-stad al een 400-tal pasjes uitgedeeld. In Oudergem waren er dat slechts 14. Ondertussen zullen er dat wel al een pak meer zijn. "De mensen beseffen blijkbaar nu pas dat ze hun auto zondag zullen moeten achterlaten in de garage", stelt de woordvoerster van Bral vast.

Datzelfde geluid is ook te horen bij het callcenter dat op alle vragen van ongeruste Brusselaars een antwoord zoekt. "Vorige week hadden we dagelijks ongeveer 100 telefoontjes. Sinds maandag behandelen onze telefonisten er elke dag 1.000", geeft verantwoordelijke Xenia Plusnin mee. Woensdag en donderdag kreeg het callcenter ongeveer 2.500 oproepen binnen, waarvan er ongeveer de helft effectief behandeld werden.