Hoofdkwartier Arafat belegerd

Israëlische militairen die na een zelfmoordaanslag in Tel Aviv het gebouwencomplex van de Palestijnse Autoriteit in Ramallah zijn binnengetrokken hebben vrijdagmorgen gebouwen naast het kantoor van de Palestijnse leider Yasser Arafat opgeblazen. Een Palestijnse politieagent is vrijdag door een scherpschutter van het Israëlische leger doodgeschoten.

Belga

De agent bevond zich in het hoofdkwartier van Yasser Arafat in Ramallah en stoind vlakbij een raam toen hij werd getroffen.

Palestijnse functionarissen zeiden dat een kantoor in aanbouw bestemd voor de nieuwe nationale veiligheidsdienst was vernield, alsmede een veiligheidskantoor dat bij eerdere beschietingen al was beschadigd. Volgens de zegslieden hebben Israëlische scherpsschutters een Palestijnse politieagent op het terrein doodgeschoten.

Het Israëlische leger gaf een verklaring uit waarin het zei zijn activiteiten op de hele Westoever op te voeren en bij Arafats hoofdkwartier het gedeelte van het terrein te isoleren waar zich ongeveer twintig "verdachten die terrorisme in de zin hebben" schuilhouden.

De nieuwe acties van het leger volgden na een Palestijnse zelfmoordaanslag in Tel Aviv waarbij donderdag vijf doden en tientallen gewonden vielen. Het Israëlische kabinet, dat nog in spoedzitting bijeen was toen de Israëlische troepen Ramallah binnenvielen, legde de schuld voor de aanslag bij Arafat, omdat deze "de coalitie van terreur heeft opgezet".

De Palestijnse minister Nabil Shaath hield vrijdag de Israëlische premier Ariel Sharon verantwoordelijk voor de recente Palestijnse aanslagen in Tel Aviv en Umm al-Fahm. Daarbij zijn in totaal zes Israëliërs gedood. De aanslagen zijn volgens Shaath het bewijs van het falende beleid van Sharon. "De agressie, de moorden, de verwoesting en het bloedvergieten dat Sharon ons volk bracht, maken het zeer moeilijk om het Palestijnse volk onder controle te houden. Vooral omdat Sharon alleen al vorige maand 85 Palestijnse burgers, onder wie 43 kinderen, heeft gedood".