Belcar op de Nürburgring: «Hoe moeilijker, hoe liever»

De Belcar is dit weekend toe aan zijn jaarlijkse buitenlandse uitstap. Dit jaar bestaat die uit een bezoek aan de Duitse Nürburgring. Een legendarisch Grand Prix-circuit, vlak over de grens in de Eifel, dat voor bijna alle piloten nieuw is. Ook voor Marc Neyens, de Meeuwenaar die vorige race verraste door de Marcos Mantis naar de vijfde plek te sturen.
België telt maar twee volwaardige circuits en dus pendelt een Belgisch kampioenschap noodgedwongen tussen Zolder en Francorchamps. Eén keer per jaar maakt de Belcar een uitzondering, zondag dus naar de Nürburgring.
«Nooit geweest, geen idee of de eerste bocht naar links of naar rechts draait,» zegt Marc Neyens. «De topteams zijn er gaan testen, neem ik aan, maar wij niet. Geen probleem: na vijf rondjes zal ik het wel kennen. Ik kijk ernaar uit. Een GP-circuit, daar wil toch iedereen eens rijden?» In Francorchamps reden Neyens en teammaat Peter Van Delm hun Marcos Mantis (niet te verwarren met de zwaardere Marcos LM600) naar de vijfde plek algemeen, goed voor de zege in de GTB-klasse.
«Een perfecte race met de ideale pitstop, net toen de safety-car binnen kwam. Alles moet klikken eer je zo'n stuntresultaat kan neerzetten. We moeten realistisch zijn: normaal kunnen we die vijfde plek niet overdoen. Als iedereen op de baan blijft, lukt dat niet. Maar anderzijds: ongelukken en mechanische pech horen bij de autosport. Als een Porsche stuk gaat, zegt iedereen dat het pech is. Als wij iets aan de hand hebben, is de Marcos een fragiele auto.»

Nu, die Marcos gáát toch ook vaak stuk? «Dat is een misverstand. Een paar keer is een mecanicien in de fout gegaan en een paar keer was het een domme prul. Bovendien moet je rekening houden met je budget. Als je geld hebt, kan je alles tijdig vervangen. Wij moesten in het verleden dikwijls onderdelen laten steken tot ze kapot gingen. Nu rijden we met een motor van slechts 380 pk, een blok dat al 12 jaar oud is en o.m. gediend heeft in de Escort van De Schaetzen. Binnenkort krijgen we een nieuwe, met 60 of 70 pk meer. Dan kunnen we de Porsches uit de GTB-klasse misschien volgen, want wij wegen veel minder.»
Op de Nürburgring blijven die pk's nog achterwege. Toch rekent Neyens weer op een goed resultaat. «Nieuw circuit, hopelijk nog wat regen om ons tekort aan vermogen uit te vlakken: laat het maar komen. Hoe moeilijker, hoe liever.»
Neyens debuteerde vroeger veelbelovend in de rallysport. Nu is hij op zijn 38ste een gevestigde waarde op circuit. «Ik zou verdomd graag de 24 Uren van Francorchamps rijden, maar die prijzen zijn onhaalbaar. De grote droom is Le Mans, maar dat is helemaal een utopie. Voetjes op de grond. Ik heb geen grote budgetten en dan is het elk jaar hopen dat er iets uit de boom valt. Hopen dat er iemand op zoek is naar een piloot die een auto kan afstellen. Maar ik mag niet klagen. Ik besef dat ik in verhouding tot mijn budgetten altijd veel en met mooie auto's heb kunnen rijden.»
Nu in het nieuws