"Heel even was ik weer de jonge Vic"

Diep ontroerd was hij. Gepakt door zoveel blijken van sympathie. Vic Mees, zaterdag gekozen tot beste voetballer van Antwerp ooit, had nooit kunnen denken dat hij, bijna een halve eeuw na zijn Gouden Schoen, nog zo leeft bij de supporters van de Great Old.
BR> "Deze dag krijgt een plaats in het rijtje van mijn allermooiste herinneringen", sprak de gentleman-voetballer van de Great Old zaterdagavond na de viering met een krop in de keel.

Vic Mees moet een levende legende zijn. Een andere verklaring is er niet. Zeker als je vaststelt dat het overgrote deel van de ruim 2600 lezers die in ons referendum een stem uitbracht, thuishoort in de leeftijdscategorie tussen 25 en 40 jaar. Om dan als 75-jarige beter te scoren dan Rudi Smidts en Hans-Peter Lehnhoff, die als voetballer nog vers in het geheugen liggen, het is niet niks.
Begrijpelijk dus dat de emoties bij Vic en mevrouw Mees zaterdagavond soms te groot werden. Rondgereden worden in een witte limousine, het leek wel Dallas op de Bosuil voor de man aan wie vedettenallures nooit zijn besteed geweest.
"Het was ook een beetje als in een film. De film van mijn carrière. Ik zag mijn vader, moeder en zuster daar weer op die tribune zitten. Heel even was ik weer de jonge voetballer Mees. Ongelofelijk. En dan die viering nadien. Iedereen kwam mij feliciteren. Ouderen, maar vooral veel jongeren wilden mij de hand schudden. Een mevrouw fluisterde me toe hoe graag ze had gezien dat haar overleden vader dit nog had kunnen meemaken."

"Ik ben blij voor mezelf, maar ook voor de supporters van Antwerp, die zich vandaag van hun beste kant hebben laten zien. Op deze manier komen ze ook eens in een goed daglicht te staan. Het was allemaal zo spontaan, niet gerepeteerd, recht uit het hart. Het is goed om ook eens op deze manier samen te zijn."
Vic Mees zou Vic Mees niet zijn als hij zijn ploegmakkers van destijds niet in de hulde die hem te beurt viel zou betrekken. "Gekozen worden tot Speler van de eeuw is niet mijn verdienste alleen. Zonder schitterende ploegmakkers om me heen was ik nooit de voetballer geworden die de mensen zich nu nog altijd herinneren. Ik houd er dan ook aan deze trofee op te dragen aan mijn ploegmakkers van toen en aan alle Antwerp-spelers van vroegere generaties. Jongens die de club altijd in eerste klasse hebben gehouden, die weinig of geen geld hebben gekost en die af en toe ook nog een landstitel meepikten. Zoals wij zelf in 1957."

"Ik ben ontroerd, maar ik voel me toch ook fier vandaag. Niet alleen op mijn palmares en omdat Antwerp mijn eerste en enige club gebleven is. Maar ook op het feit dat ik nooit, maar dan ook nooit in mijn hele carrière een verwittiging heb gekregen. Wat nu een gele kaart zou zijn. Een voorbeeld: een van mijn sterke punten was mijn kopspel. Maar in mijn tijd gingen we altijd de lucht in met de armen naast het lichaam. Ellebogen waren er niet bij. Trekken en sleuren, dat kenden wij niet. Fair-play heb ik altijd heel belangrijk gevonden. En blijkbaar kunnen mensen dat nog steeds appreciëren. Nog eens, ik heb in mijn leven al veel meegemaakt. Maar dit slaat alles. Het is gewoon fantastisch, schitterend, onvergetelijk. Ik zal tijd nodig hebben om dit te verwerken."

.

Nu in het nieuws