Politie pakt Palestijnse extremisten op

Print
De Palestijnse politie heeft van zondag op maandag 110 vermoedelijke Palestijnse extremisten opgepakt, nadat de Palestijnse leider Yasser Arafat in antwoord op de aanslagen van het afgelopen weekeinde, waarbij 26 Israëliërs om het leven kwamen, de noodtoestand had uitgeroepen in de Palestijnse gebieden. Maar Israël deed de Palestijnse veiligheidsoperatie, de omvangrijkste sinds vijf jaar, maandag af als een schertsvertoning, bedoeld om te voorkomen dat Israël de aanslagen op harde wijze vergeldt. De Israëlische premier Ariel Sharon heeft na zijn vervroegde terugkeer uit de VS, waar hij een onderhoud had met de Amerikaanse president George Bush, zijn veiligheidskabinet bijeengeroepen om zich te beraden op een Israëlisch antwoord. Verscheidene kabinetsleden hebben Sharon opgeroepen Arafat uit te wijzen en verslaggevers die met de premier waren meegereisd zeiden dat hij het voorstel in overweging heeft genomen. Er zijn geen aanwijzingen dat Bush heeft geprobeerd Sharon tot matiging te bewegen. Arafat moet "alles doen wat in zijn vermogen ligt om degenen die onschuldige Israëliërs hebben vermoord op te sporen en te berechten" zei de president.
Als eerste reactie op de aanslagen heeft Israël alle door de Palestijnen beheerste steden afgegrendeld en gezamenlijke wegen op de Westoever voor auto's met Palestijnse kentekens afgesloten. Bij Tulkarem raakten de militairen zondagavond in vuurgevecht met Palestijnen, waarbij een van de Palestijnen werd gedood. Maandagmorgen vroeg werd een Palestijnse boer doodgeschoten toen hij naar zijn akker liep. Het leger zei dat de militairen hem hadden aangezien voor een terrorist die een bom wilde leggen. Zondag werden bij de Westoeverstad Jenin vier Palestijnen doodgeschoten. Volgens het Israëlische leger waren zij gewapend en wilden zij een aanslag plegen.

In Israël waren de veiligheidstroepen zondag en maandag in hoogste staat van paraatheid om nieuwe aanslagen te voorkomen. Duizenden militairen patrouilleerden met wapens in de aanslag op drukke plaatsen als winkelcentra en markten. "We zijn in Oorlog", luidde een vette kop op de voorpagina van de Yediot Ahronot van maandag boven twee rijen foto's van de slachtoffers, onder wie tien jongeren die zaterdagavond omkwamen bij vlak na elkaar uitgevoerde zelfmoordaanslagen in Jeruzalem. De Maariv schreef in een redactioneel commentaar dat Israël een offensief moet inzetten "dat korte metten maakt met de Palestijnse terreur" en dat Arafat "een persoonlijke prijs" moet betalen. Een peiling waarvan de uitkomst werd gepubliceerd door de Yediot Ahronot wees uit dat 37 procent van de Israëliërs wil dat Israël Arafat ten val brengt , terwijl 32 procent vindt dat Israël snel spoed-vredesoverleg moet gaan voeren, zonder op een staakt-het-vurten te wachten. Onder de 110 leden van de radicale organisaties Hamas en Islamitische Jihad die in de nacht van zondag op maandag werden opgepakt waren twee Hamasleiders uit Gaza, Ismail Hanieh en Ismail Abu Shanab. De geestelijk leider van Hamas, sjeik Ahmed Yassin, is volgens veiligheidsfunctionarissen onder huisarrest geplaatst en heeft een verbod gekregen om met de pers te spreken. Maar Yassins familie zei dat de sjeik zich van geen beperkingen bewust was.

In Hebron op de Westoever kwamen vier jeeps met politieagenten, sommige gemaskerd, aan bij het huis van Itzhak Misaweh, een 28-jarige Hamasactivist. Terwijl Misaweh wat kleren pakte en geld gaf aan zijn vrouw, wendde deze zich tot de agenten. "De Israëliërs hebben geprobeerd om hem te pakken te krijgen en nu komen jullie, de Palestijnse politie, om hem te arresteren? Het is niet eerlijk." Het is voor het eerst sinds de nu achttien maanden durende opstand dat de Palestijnse politie serieus optreedt tegen extremisten. Vertegenwoordigers van het Palestijnse Gezag stelden zich tot nu toe op het standpunt dat van hen niet verwacht kan worden dat zij hard optreden tegen hun eigen mensen terwijl Israël de ene na de andere vermeende radicaal liquideert en met zijn veiligheidsmaatregelen de Palestijnse bevolking het leven zuur maakt. De aanslagen van het afgelopen weekeinde hebben die houding echter veranderd. "Deze aanslagen op Israëlische burgers hebben ons in een hoek gedrukt", zei de Palestijnse minister van planning Nabil Shaath. "Wij leven in een wereld die vol is van de oorlog tegen Afghanistan en het internationale terrorisme en wij moeten blijven proberen deel uit te maken van de internationale gemeenschap en niet geïsoleerd te raken.' In Gaza-Stad dreigden Hamas-activisten met meer aanslagen op Israël en eisten zij dat het Palestijnse Gezag zou stoppen met de arrestaties. "Het verzet en de heilige oorlog zullen niet ophouden", riepen ongeveer duizend Hamas-aanhangers op de begrafenis van een Hamaslid dat zondag een Israëlische automobilist doodschoot om daarna zelf door militairen te worden gedood. In Nablus op de Westoever voorkwam de Palestijnse politie dat Hamasaanhangers een mars hielden voor de pleger van de zelfmoordaanslag van zondag op een bus in Haifa, waar vijftien Israëliërs bij omkwamen.

.

Nu in het nieuws