Assisenzaak: beide betichten hoogbegaafd

Dinsdag werden tijdens het assisenproces tegen Ankje Bal en Vicky Rodrigues de forensisch pathologe en de gerechtspsychiaters gehoord. Daaruit blijkt onder meer dat de beide meisjes hoogbegaafd zijn, maar qua temperament elkaars complementaire tegengestelden.

BELGA

De gerechtsarts voerde de autopsie op het slachtoffer uit én was aanwezig bij de reconstructie. "De doodsoorzaak was het bloedverlies en het uitschakelen van de pompfunctie van het hart. Bij de reconstructie was er nauwelijks een verschil met wat we hadden vastgesteld", getuigde de arts.

De gerechtspsychiater die Ankje Bal psychisch onderzocht zei dat haar basisintelligentie opvallend hoog (een IQ van boven 130) is. "Rond haar twaalf jaar werd ze twee keer seksueel misbruikt. Ze haakte op school af en vertoonde gedragsproblemen. Op relationeel vlak is er de ontluikende seksualiteit die geleidelijk verschuift naar lesbische relaties. Professioneel is ze een workaholic", aldus de psychiater. Die bestempelde de gokverslaving als dusdanig "perfect behandelbaar".

De gerechtspsychiater die Vicky Rodrigues onderzocht, zei dat ze een heel eenzame jeugd had gekend. Vicky's moeder was prostituee en de eerste vier levensjaren verbleef Vicky in homes. Daarna ging ze naar een pleeggezin, waar ze een goede relatie had met de pleegvader. Maar het koppel ging uiteen en zij moest bij de moeder blijven. Op haar zestiende, toen bleek dat ze zwanger was, liep ze van huis weg en belandde ze in de prostitutie. Ook haar IQ (115) ligt boven het gemiddelde.