Groenendaal: "Mijn ambities had ik al uitgekotst"

Print
TABOR - Richard Groenendaal gooide zijn fiets aan de kant en spurtte zwijgend naar de warmte van de kamer die de KNWU 200 meter na de finish had afgehuurd in hotel Relax. Buiten wist vader Rein al lang wat er misgelopen was tijdens de race waarin zijn wereldtitel had moeten verdedigen.
"Het is de voedselvergiftiging van anderhalve week geleden geweest", verbeet Rein de teleurstelling. Want die was groot in het Groenendaal-kamp. "Echt, ik heb hem nog nooit zo goed zien sturen als vandaag. En ook het parkoers was door de dooi in zijn voordeel veranderd. Maar uitgerekend daar waar zijn sterke punten liggen, moest hij het af laten weten. Omhoog rijdend kon hij het gat niet slaan. Hij miste er de kracht en conditie voor."

Even later stapte de onttroonde wereldkampioen zelf naar buiten. Hij had de pijnlijke nederlaag (24ste op 4 minuten van winnaar Vervecken) kennelijk al verwerkt. Zonder een spoortje van emotie vertelde hij zijn verhaal. "Op het moment dat ik anderhalve week geleden ziek werd van die bacteriële infectie, kotste ik ook gelijk mijn ambities uit. Zondag in Wetzikon viel het resultaat niet eens tegen, maar de maandag er na voelde ik al dat ik vandaag te zwak zou zijn."

De plots intredende dooi, die het parkoers op zijn maat herschiep, bracht de moraal nog een beetje terug. Hij koos voor zijn bekende sloop-tactiek. Volle bak starten en afwachten wie kan volgen. Als een speer sturend, trok hij het veld vooraan uiteen met twee demarrages. "Maar ik merkte daarbij dat mijn versnellingen veel te vlak waren om de anderen te lossen."

Hij zakte terug in de schoot van het kopgroepje van 5 man (ook Vervecken, Dlask, Nys en Vannoppen zaten voorin), waarbij later ook De Clercq zich aansloot. In de 5de ronde gleed hij onderuit. "En dat kun je op dat moment dus niet gebruiken."

Groenendaal loste de rol, kreeg het koud en zakte steeds verder weg. "Ik heb wel aan afstappen gedacht, maar voor al die fans kun je dat niet maken. Daarnaast, wat maakt het uit: tweede of 35ste. Ik rijd om te winnen."

Het verlies van de regenboogtrui nam hij slechts op als een uitdaging: "Die trui gaat nu de doos in. Volgend jaar pak ik hem er wel weer uit."

Kopman Groenendaal was opmerkelijk genoeg de laatste Nederlander die aankwam. De Knegt was na een wisselvallig gereden koers de beste man met een 7de plaats. "Pas na de helft van de wedstrijd kwam ik redelijk op stoom." Nummer 8 Camiel van den Bergh was uiteraard tevreden. Het jonkie van de ploeg nam kennis van de dooi en dacht 'dit is mijn parkoers'. "Het grote probleem was echter het ijswater dat vanaf de grond opspatte. Daardoor kreeg iedereen last van de kou." Ook Van den Bergh werd getroffen door de voedselvergiftiging. "Ik kon vorige week zondag niet rijden en dat is mijn geluk geweest ten opzichte van Richard."
Nu in het nieuws