Tramijn 10 leert samenleving belangrijke les

Print
De Raad van State heeft de bouwvergunning voor de tramverlenging van Deurne naar Wijnegem geschorst. Dat was even schrikken, want het project is al grotendeels uitgevoerd. Moet het kunstwerk, waarvoor 45 miljoen euro is uitgetrokken, nu worden afgebroken?
Nee, natuurlijk niet. De Vlaamse regering zal ongetwijfeld wel een manier vinden om de juridische problemen te omzeilen. Maar daar mag het niet bij blijven, de overheid moet van deze affaire leren en er iets mee doen.

Wie draagt de verantwoordelijkheid voor deze kafkaiaanse gang van zaken? Niet de buurtbewoners die bij de Raad van State de klacht hebben ingediend omdat ze vrezen dat de tramverlenging extra sluipverkeer in hun straten zal genereren. Die mensen hebben gewoon gebruikgemaakt van hun democratisch recht om de overheid ter verantwoording te roepen.

De Raad van State valt op zich ook weinig te verwijten. Het rechtscollege heeft geoordeeld dat het risico op sluipverkeer niet fijnmazig genoeg is bestudeerd, en dat er naast een plan- MER ook een project-MER had moeten worden opgesteld. Ik gebruik deze terminologie heel bewust om aan te geven hoe ver zo’n kwestie boven de hoofden van de burger zweeft.

Ook de overheid treft geen schuld. De vergunning was uitgereikt in 2007, de eerste klacht bij de Raad van State was afgewezen en voor de tweede had de auditeur eveneens een ongunstig advies gegeven. Als overheden moeten wachten tot alle procedures zijn afgerond voordat ze projecten kunnen opstarten, dan gebeurt er nooit meer iets in dit land.

En daar knelt de schoen. Een procedure die start in 2007, hoort niet haar beslag te krijgen in 2011. Bovendien moet de Raad van State de competentie kweken om af te dalen uit zijn ivoren toren, te oordelen naar de geest in plaats van de letter van de wet en een redelijke afweging te maken tussen het individueel en het algemeen belang. De cultuur van administratieve en juridische procedures in dit land is ergerlijk. Ze maakt van de dynamiek in onze samenleving een processie van Echternach.

Er zijn twee manieren om hieraan iets te doen. Ofwel stellen we de deadlines van de procedures veel scherper, zodat alle bezwaren binnen een redelijke termijn worden afgehandeld. Ofwel gaat de wetgevende macht met een fijne kam door die procedures om ze te vereenvoudigen en alle ballast overboord te gooien.

Door Lex Moolenaar

.

Nu in het nieuws