Crembo duldt geen kritiek van het plebs

Print
Minister van Defensie Pieter De Crem krijgt kritiek langs alle kanten. Van de legerleiding wegens te zware besparingen, van de vakbonden omdat hij niet openstaat voor overleg over de herstructureringsplannen, van zijn collega’s die hem niet voor vol aanzien, van het parlement omdat hij zich te goed acht om verantwoording af te leggen, van het grote publiek omdat hij te veel en te duur reist. En last but not least natuurlijk van de onvermijdelijke André Flahaut, die een persoonlijke kruistocht voert tegen zijn opvolger.
Neen, De Crem is niet populair buiten zijn kieskring. En dan drukken we het zacht uit. Zowel in de Wetstraat als onder de kerktoren wordt een beetje meewarig over hem gesproken. ’Baas Gansendonck’ is ongeveer de meest vriendelijke typering die we de jongste maanden over hem hoorden.

Crembo trekt zich dat ogenschijnlijk allemaal niet te erg aan. “Ik heb niet de ambitie om populair te zijn”, zei hij onlangs. Of hij dat echt meent, durf ik te betwijfelen. Ik ken weinig politici die zoveel belang hechten aan hun persoonlijk verkiezingsresultaat en aan de prerogatieven die hij denkt daar te kunnen uit afleiden.

Eén zaak staat vast. Pieter De Crem is een ander mens geworden toen hij minister werd. Zo joviaal - sommigen zullen zeggen populistisch - hij vroeger was, zo hautain gedraagt hij zich nu. De man uit Aalter was bovendien dé volksvertegenwoordiger die op de rechten van het parlement stond. André Flahaut liet hij alle hoeken van de Kamer zien. Hij moest dat doen. Een volksvertegenwoordiger moet ministers controleren. Sedert hij echter zelf excellentie is, heeft hij een GPS nodig om het Paleis der Natiën te vinden. De Crem laat zich daar niet graag ondervragen.

Hij kan heel moeilijk met kritiek om. Uitspattingen in een bar in New York? Overbodig luxereisje naar de Seychellen? Daar heeft het gewone volk niets mee te maken. Een man die door de Amerikaanse minister van Defensie met militaire eer op het Pentagon wordt ontvangen en hem met “Robert” mag aanspreken, weet het beter en staat boven het gemor van het plebs.

Niemand die beweert dat Pieter De Crem een gemakkelijke job heeft. Het leger moet besparen, en dus moet hij keuzes maken. Zo rijd je altijd wel iemand tegen de kar. Een minister moet daar tegen kunnen. Maar tussen ruggengraat tonen en de hoed van Napoleon opzetten, ligt een wereld van verschil.

door Paul GEUDENS
MEEST RECENT