Nieuwe wet schrikt Syriëstrijders niet af

Print
Er komt geen nieuw koninklijk besluit dat het mee gaan strijden in andere landen – zoals Syrië – strafbaar stelt. Dat heeft de ministerraad gisteren besloten. De oude huurlingenwet uit 1979 volstaat.
Ruim twee maanden geleden keurde het parlement immers een uitbreiding van die wet goed waardoor niet alleen terreurdaden op zich strafbaar zijn, “maar ook elke poging tot terreur, het rekruteren en aanzetten tot terrorisme, de voorbereiding erop en het geven of volgen van opleidingen om aanslagen te plegen”.

De ministers namen de juiste beslissing. We hebben het in deze kolom de voorbije maanden al meermaals gehad over steekvlampolitiek. Dit was daar weer een mooi voorbeeld van.

Wanneer er zich incidenten voordoen die veel mediabelangstelling opwekken, voelen de meeste politici zich geroepen om met nieuwe regels af te komen. Kort op de bal spelen is op zich natuurlijk niet slecht, op voorwaarde dat de nieuwe initiatieven doordacht zijn en dat ze iets bijbrengen aan de oplossing van het probleem. Dat is met een kb op het strafbaar stellen van vechten in Syrië niet het geval. Indien het gerecht wil optreden tegen die ‘vrijheidsstrijders’, dan heeft het voldoende wapens in handen om dat daadwerkelijk te doen. Nu reeds.

Bovendien schrikt een dergelijk specifiek kb, speciaal op het lijf geschreven van de Syrië-vechters, de kandidaten en de ronselaars niet af. Die zijn zo overtuigd, zo radicaal, dat ze zich door een nieuw regeltje absoluut niet laten tegenhouden.

Tenslotte zou men met een specifieke strafwet voor Syrië ook mensen kunnen afschrikken die gevallen van radicalisering willen melden. De ministerraad keurde ook het voorstel af om in de mogelijkheid te voorzien tot het intrekken van de identiteitskaart. Ook dat is een juiste beslissing. Wie gaat een dergelijke intrekking bevelen? Een magistraat? De politie? De minister? Dat zet de deur open voor misbruiken en een handel in valse papieren. Volwassen mensen zijn zelf verantwoordelijk voor hun daden. Meerderjarigen die naar Syrië willen reizen, moeten weten welk risico zij lopen. Daar én hier.

Voor minderjarigen ligt dat natuurlijk anders. Voor hen zijn het ouders die de toelating moeten geven. Maar ook voor die gevallen volstaat de huidige wetgeving.

Paul Geudens

.

Nu in het nieuws