Energie-intensieve bedrijven vrezen miljoenen meerkost van offshore

Print
De industriële afnemers van elektriciteit en aardgas vrezen dat de uitbouw van de offshore-windparken op zee de energiefactuur van de bedrijven met miljoenen euro's gaat verzwaren. Ze waarschuwen voor de concurrentiepostie van de industrie.

Febeliec, die de industriële afnemers van energie vertegenwoordigt, vreest dat de federale meerkost die op de energiefactuur moet worden betaald opnieuw zal stijgen.

Het gaat om de federale bijdrage - waarmee bijvoorbeeld de fondsen voor beschermde klanten worden betaald - en vooral de kost voor de offshore windparken. De energie-intensieve bedrijven vrezen dat de kost voor de uitbouw van die offshore "gigantisch" zal stijgen de komende jaren. Nu bedraagt de doorgerekende kost voor de inkoopplicht van certificaten al 1,08 euro/MWh. "Door de blijvende ontwikkeling van de offshore-parken zal dat tegen 2020 stijgen naar 7 à 8 euro/MWh", aldus bestuurder Peter Claes van Febeliec. "Voor een bedrijf als Nyrstar betekent dit een meerkost van miljoenen euro's". De industriële energieverbruikers waarschuwen voor deze nieuwe competitieve handicap. In bijvoorbeeld Duitsland en Frankrijk zijn deze meerkosten immers beperkt. De bedrijven vragen dat de regering maatregelen neemt door die meerkost te plafonneren. "Ons industriële plaatje is immers al niet schitterend. Er is niet alleen de loonkosthandicap, maar ook de energiehandicap", aldus Claes.