Het komische duo Grof Geschud zoekt de grens op. Lander is Belg, Myrthe is Nederlandse. ©  Jeroen Hanselaer

DE GRENS. Grof Geschud over humor op het randje: “Godverdekke, in wat voor show zijn we hier beland?”

Zij is Nederlandse, hij Belg. Ze spreken dezelfde taal, maar hoe universeel klinkt humor? Myrthe van Velden en Lander Severins bestoken België en Nederland met Grof Geschud. We vragen het cabaretduo hoe grenzeloos hun humor is.

Stefan Laenen

Hun voorstelling Broeden speelt in Drachten. Vanuit Antwerpen zijn Myrthe en Lander dik drie uur onderweg om te spelen in Friesland. “We vertrokken om 11u en zullen vannacht rond 3u terug zijn”, schat Myrthe. Tijd zat om het duo tussen Deurne en Dordrecht te polsen naar interculturele humorverschillen.

Lander: “Tof dat je belt. Myrthe beschikt namelijk over het zaligmakende vermogen om na twee minuten in de wagen in te dommelen. Een vaardigheid die ik me ook eigen maakte. Als de ene slaapt, stuurt de andere. De wakkere beluistert haar of zijn Spotifylijst, de ene heet Mitti en de andere Landi. Zo zitten wij zwijgend honderden kilometers naast elkaar. Ongelooflijk gezellig, zo’n internationale tournee.”

Waar speelt Grof Geschud het meest, in België of in Nederland?

Lander: “Op dit ogenblik is dat verdeeld. We spelen Broeden even vaak in Nederland als in België. Hoe dat volgend seizoen zal zijn, weten we in april. In Nederland tonen veel schouwburgen interesse, leggen ze een optie vast, maar kan de voorstelling in een later stadium worden geannuleerd. Daarom werken alle collega’s die in België en Nederland spelen met twee managers, twee boekingsagenten… noem maar op. Administratief gaapt tussen beide landen een grote kloof.”

Opvallend dat jullie niet meer spelen in Nederland, toch een veel groter land?

Lander: “Geografisch klopt dat, maar wat wij doen wordt in België als unieker ervaren. Er zijn hier weinig theatermakers op het scharnierpunt tussen theater en comedy, waar cabaret zich bevindt. Theaters en publiek zijn blij om eens iets anders te zien dan stand-up. In cabaret wordt even veel gelachen. Al is humor bij ons niet per se het doel, maar een middel.”

Waar speelt Grof Geschud het liefst?

Myrthe: “Eerlijk? Voorlopig iets liever in België. De Vlaamse gastvrijheid is legendarisch. In elke zaal worden we met open armen, en spijs en drank ontvangen. In Nederland is het meer van trek-je-plan. Als we daar spelen zijn er drie opties. Ofwel maak je ’s morgens thuis je avondmaal klaar, neem je het mee en warm je het ’s avonds weer op. Optie twee is afhaalmaaltijden inkopen, niet per se het meest voedzame diner. De laatste mogelijkheid is lekker uit eten gaan. Vermits we etentjes uit eigen zak betalen, kiezen we zelden de laatste optie.”

Verdienen jullie hetzelfde aan beide kanten van de landsgrens?

Lander: “In Nederland is er een overaanbod cabaret. Het is er lastiger om boven het maaiveld uit te steken. De financiering van theaters is er anders geregeld en wordt financieel meer risico gelegd bij de artiest. Reken daar de brandstof en het eten bij en dan wordt het verschil aanzienlijk. Als beginnend duootje is het geen grote luxe. Misschien dat ik weer solo ga, dat scheelt weer een loon.”

Myrthe: “Komt niets van in huis!”

 ©  Jeroen Hanselaer

Waarom touren jullie dan nog in Nederland?

Myrthe. “Uit liefde voor het vak. Klinkt melig, maar het is zo. Ik kan niet kiezen. Ik hou van allebei, al zijn er verschillen. Met bepaalde conventies zijn Nederlandse toeschouwers sneller mee. Broeden begint met een groteske scène tussen vogels die bekvechten over het broedseizoen. Om die humor ten volle te begrijpen, moet je de traditie kennen. Het Nederlands publiek is meteen mee. Terwijl je Vlamingen voelt denken: “Godverdekke, in wat voor show zijn we nu beland? Gaat dit twee uur duren?”

Zoersel-Dinxperlo

Myrthe komt uit de Nederlandse gemeente met de mooie naam Dinxperlo. Lander komt uit Zoersel, ook mooi. De twee leerden elkaar kennen in ’s Hertogenbosch op de Koningstheateracademie, waar ze afstudeerden met de hoogste onderscheiding en een relatie. Moet je in Nederland zijn om het cabaretvak te leren? “Ik vind van wel”, zegt Lander. “De Nederlandse cabaretopleiding is praktijkgericht. We kregen filosofie, maar in de tweede helft van de les koppelde je grote existentiële vragen terug op je eigen kleine projectje. Ik ben ervan overtuigd dat het Belgische kunstonderwijs ook degelijk is. Mijn mening is een beetje gekleurd, door die Hollanders.”

Klasgenoten werden collega’s werden geliefden. De liefde voor elkaar is bekoeld, maar de liefde voor het vak houdt hen samen. Facebook hanteert voor dergelijke complexe verhoudingen de optie ‘Het is ingewikkeld’. Uit hun relatietherapie puurden de exen hun tragikomische voorstelling Broeden.

Myrthe: “We creëren en werken samen, maar wonen niet meer samen. Lander woont aan het Rivierenhof, ik een kwartiertje verderop in Antwerpen. Als alles goed gaat, word ik binnenkort erkend als vreemdeling. Echt waar, ik krijg een vreemdelingenstatuut. Er zijn veel oorzaken waarom het niet werkte als liefdeskoppel. De dualiteit Belg-Nederlander speelde minder een rol. Al beantwoorden we netjes aan de clichés. Ik, de Nederlandse nuchterheid en Lander de Vlaamse romanticus. Ik woon samen met mijn Vlaamse vriend. Weer een Vlaming. Waarom val ik op Vlaamse venten? Jullie babbelen rijk en gezellig. Vaak geven jullie één ding verschillende namen. Bij ons is een wastafel een wastafel. Bij jullie een wasbak, of pompbak…”

Lander: “Of een lavabo!”

 ©  Jeroen Hanselaer

Is de voorstelling anders in België of Nederland?

Myrthe: “Lander past één woord aan. In Nederland heeft hij het over grasmaaien, en in Vlaamse voorstellingen is dat…”

Lander: “… gras afdoen. Het grootste verschil zit hem dus in een klein detail.”

In onze taal leggen we accenten. Ook in onze humor?

Lander: “Wij vinden van wel. Nederland heeft traditie in cabaret, Vlaanderen minder. Mijn grote idolen zijn Nederlanders zoals Toon Hermans, Ronald Goedemondt en Micha Wertheim. De 7-jarige Lander speelde op de speelplaats Jochem Myjer en Theo Maassen na. Ik kende hun monologen uit het hoofd. Als inkom vroeg ik dennenappels. Het ondernemersschap zat er al vroeg in.”

Myrthe: “Cabaret krijgt in Vlaanderen meer voet aan grond. Lang was er alleen maar Kommil Foo. We zitten bij Livecomedy, net als Pieter Verelst, Robrecht Vanden Thoren, Maarten Westra Hoeksema... Gewaardeerde collega’s die meer naar cabaret en theater neigen dan naar comedy. Daarom voelen we ons in ons sas in de stal van Live Comedy.”

 ©  rr

Jullie zijn niet langer een liefdeskoppel toch bevielen jullie recent van jullie eerste literaire baby?

Beiden: “Ja! Onze debuutroman Drijven ligt in de winkel!”

Myrthe: “Het boek is vorige week voorgesteld in De Studio in Antwerpen. Onze roman is op dezelfde manier verwekt als onze theatervoorstelling. Ik stuur een idee naar Lander. Hij herschrijft dat volledig, waarna het terugkomt en ik er weer loos op ga. Zo vliegen de woorden en de zinnen over en weer, tot er plots een verhaal ligt. Wie wat bedacht of schreef, weten we niet meer. Het is ons verhaal, een mix van feit en fictie. Aan de lezer om te ontdekken wat echt is en wat niet, maar misschien doet dat er niet toe.”

Krijgt deze match België-Nederland verlengingen?

Myrthe: “Ons verhaal is niet uitverteld. Livecomedy en Buro Stek (Nederlands kantoor, red.) verkopen volop voorstellingen van onze derde show aan Belgische en Nederlandse theaters.”

Dus druk aan het schrijven?

Lander: “Dat zou zeker zo zijn, mocht ik niet net druk bezig zijn met de kwartaalaangiften van onze bvba. Zelfs voor een internationaal zegevierend cabaretduo als het onze moet op het einde van de rit en de maand de rekening kloppen.”

Broeden speelt nog tot 02/04/2023 in Vlaanderen en Nederland. Speellijst en info via: www.grofgeschud.eu

Drijven van Myrthe van Velden en Lander Severins is uitgegeven bij Uitgeverij Vrijdag en is verkrijgbaar bij uw favoriete boekhandel.

Geen Vlaamsere volkskomiek dan Luc Caals en toch heeft hij een Nederlandse connectie: “44 jaar getrouwd met een Nederlandse”

Luc Caals is geboren en getogen in Schoten, en getrouwd. Met een Nederlandse. “Ik werd 70, sta 50 jaar op de planken en ben 44 jaar getrouwd. Een prestatie want tegenwoordig duurt een gemiddeld huwelijk 44 minuten. (lacht) Alie kwam in de jaren zeventig naar mijn optredens. De mode was lang, zij droeg kort. Die aardige Nederlandse juffrouw sprong meteen in mijn oog. Alie is steeds met Nederlandse tongval blijven spreken. Terwijl ik het Algemeen Antwerps hanteer. We spreken elk onze eigen taal, maar verstaan elkaar goed. Pas op, Alie is een vrouw van de wereld en spreekt als het moet Antwerps, platter dan plat.”

Luc Caals is getrouwd met een Nederlandse. “Ik werd 70, sta 50 jaar op de planken en ben 44 jaar getrouwd. “Alie kwam in de jaren zeventig naar mijn optredens. De mode was lang, zij droeg kort.” ©  Emanuel Maes

Caals tourt met het repertoire van de Nederlandse volkszanger André Hazes. “Het is Caals Zingt Hazes, niet Caals Imiteert Hazes. Ik kan zingen met een accent uit de Jordaan, maar doe dat niet. Ik blijf met mijn Hazesconcerten weg uit Nederland. Hoewel de vraag komt om ginder te spelen, ga ik daar niet op in. In Nederland zijn genoeg vertolkers van Hazes’ oeuvre. Ik voel dat zijn muziek Vlamingen beroert. Hoewel hij hier amper optrad. Er zijn hem gigantische sommen geboden, maar hij hapte niet toe. Hij had schrik dat ze hem hier zouden uitlachen. Ten onrechte. Stemtechnisch was hij een uitzonderlijk straffe zanger. Hij zong zijn nummers tamelijk hoog. Daarom imiteer ik hem niet, ik vertolk hem.”

In de pers word je soms vergeleken met die andere grote Nederlandse André, Van Duin.

“Een grote eer. Van Duin is een vakman buiten categorie. In tegenstelling tot Hazes kwam hij graag naar België. Hij zette zich in het Casino van Middelkerke op een kruk en zei: “In Vlaanderen horen ze me liever zingen.” Wij brengen geen comedy. Onze humor is tijdlozer. Van Duin stond net als ik in grote revues met muziek, danseressen en sketches. Een volkskomiek is allround. We acteren én zingen én zijn de plezante. Het is een vak. Momenteel speel ik mijn voorstelling België-Nederland, met tien bekende -en helaas overleden- zangers. Vijf Belgen, vijf Nederlanders. Elke Vlaming kent Rames Shaffy en Toon Hermans. Omgekeerd is dat minder het geval. Ik vertolk Bobbejaan Schoepen, Joe Harris en Jean Walter. Tussen de songs zitten persoonlijke anekdotes. In een halve eeuw carrière kom je elkaar wel eens tegen. Zo groot zijn Vlaanderen en Nederland niet.”

Overwoog jij ooit een carrière bij onze noorderburen?

“Ik deed er grote televisieshows. Op de set leerde ik het verschil tussen Vlaamse en Hollandse humor. Als er hier één ding uit een kast valt, heeft een Vlaming die gag gezien. In Nederland kreeg ik in een bepaalde show tientallen dingen op mijn hoofd. Hun humor is directer, meer over-the-top en dat werkt in Vlaanderen minder. Van Duin heeft een sketch waarin hij Corrie Van Gorp tien keer in een vijver flikkert. Enorm geestig, maar bij ons werkt dat minder.”

 ©  JAA

Zijn Caals en Van Duin de laatsten van een generatie?

“Ik vrees van wel. Mijn collega Dirk Van Vooren vult het gat, maar verder gaapt er een grote leegte. Met comedians kan je de straat dichtleggen, maar visuele komieken worden zeldzaam. Ik ben blij dat ik met Dirk in een nieuwe productie sta. Het Spook van de Operette speelt in het Antwerpse theater Elkerlyc. Dirk en ik vertolken neven die tegen wil en dank een theater erven. In het stuk zitten knipogen naar ons verleden als duo.”

De cast van Het Spook van de Operette. ©  Joris Herregods

www.luccaals.be

Het Spook van de Operette van Backstage Producties speelt vanaf 9 oktober. Tickets via: www.elckerlyc.be

MEER OVER De Grens

Aangeboden door onze partners

Meest gelezen

Vastgoed

Jobs in de regio