©  BELGA

Lotte Kopecky tempert verwachtingen en rijdt WK-tijdrit in Australië vooral “om lange reis te verteren”

Lotte Kopecky en Julie Van de Velde zijn zondagnacht de eerste Belgen die op dit WK in aanmerking komen. Allebei starten ze in de tijdrit bij de vrouwen. Maar een medaille hoeven we niet te verwachten, ook niet van Kopecky. Haar hoofddoel, zegt ze zelf, ligt volgende week bij de wegrit.

Wim Vos

“Zo’n tijdrit in een internationaal gezelschap is voor mij relatief nieuw. Ik heb er totaal geen ervaring mee en heb dan ook geen idee waar ik sta. Maar ik maak mij geen illusies. Ik denk niet dat ik Van Vleuten, Van Dyck of de Zwitserse Marlen Reusser ooit zal kunnen kloppen. Zij zijn de absolute favorieten.”

Dat Kopecky aan de tijdrit deelneemt, is op eigen verzoek. Nadat ze eerst zelfs getwijfeld had of ze, door onder andere een rugblessure, überhaupt wel naar Australië zou afreizen, neemt ze er nu de tijdrit bij om een week voor het WK op de weg “al eens een goede inspanning te leveren. “Die blessures zijn gelukkig grotendeels van de baan”, klinkt het. “Maar het kan nooit kwaad om de benen een eerste keer goed te laten draaien. Zeker na die lange reis, met die jetlag.”

Het parcours is voor de vrouwen even lang als voor de mannen. Dat is: twee rondjes van ongeveer 17 kilometer. Verraderlijk? “Toch wel”, besluit Kopecky. “In de bochten kan je breed uitdraaien, maar de klimmetjes zijn best behoorlijk pittig. En aan de kust zal de wind zijn ding doen.”

Vastgoed

Jobs in de regio