Terreinverzorger Marcel Bogaerts. ©  Dirk Vertommen

Terreinen van SK Peulis op kurkdroge zandgrond kreunen onder de hitte: “Sproeiers blijven ook ‘s nachts aan”

Peulis -

Een strakke en knalgroene pelouse. Je komt het overal in Vlaanderen tegen, zij het niet dat de anders zo propere en afgemeten gazonnetjes nu zo ros kleuren als wat. Hoe gaan voetbalclubs om met zo’n kurkdroge periode? De ene al wat vlotter dan de andere, zo blijkt. Bij SK Peulis is de uitdaging sowieso niet min tijdens de zomers. “We zitten hier op een kurkdroge zandgrond”, zegt terreinverzorger Marcel Bogaerts (71). “Waar dat op neerkomt? Sproeien, sproeien en nog eens sproeien.”

Kristof Van Rompaey

We zien de sproeiers al lustig alle kanten opgaan als we de toepasselijk genaamde Voetbalstraat in Peulis (Putte) indraaien. Terreinverzorger, afgevaardigde van het eerste elftal en manusje-van-alles Marcel Bogaerts is druk in de weer in de kantine als we hem tegemoet stappen. De clubterreinen zo groen mogelijk houden, is al zo’n dertig jaar zijn verantwoordelijkheid en al jaren een bijkomende uitdaging in de Voetbalstraat.

Pure ambacht

“Toen de eerste ploeg nog elders in het dorp - in de Teintstraat - speelde, was dat nog niet zo”, zegt Marcel. “De ondergrond was daar een stuk makkelijker dan hier. In die tijd speelden alleen onze jeugdploegen hier, eigenlijk bijna op zand. Negentien jaar geleden werd hier de nieuwe kantine gebouwd en verhuisden we met al onze ploegen. Sinds toen is het altijd werkendag geweest om ons A-terrein en de twee andere zo groen mogelijk te houden in de zomer. We spelen hier op heel droge zandgrond die ook nog eens boordevol ijzer zit.”

Hoewel er tegenwoordig wel wat clubs zijn die een irrigatiesysteem in de grond inbouwen, is dat bij SK Peulis niet aan de orde. De verzorging van de terreinen is er nog een pure ambacht, verzekert Marcel, terwijl hij ons de rollerkar toont, een ‘autootje’ op vier wielen waaraan je een waterdarm vastmaakt. Aan de roestkleur kan je afleiden dat Marcel niet liegt over het ijzer in de grond. “Het heeft zo’n vier uur nodig om het hele terrein te beslagen”, zegt hij.

Nachtelijke sproeibeurt

In het midden van het A-terrein staan er ook gewone sproeiers. “We verzetten ze telkens naar een andere plek op het veld. Alles ermee irrigeren kost een dag of vijf, zes, maar met zo’n hitte als nu, kan het gebeuren dat de andere kant van het veld alweer ros begint te worden als je rond bent. Vanavond tegen 21u verzetten we de sproeiers naar een ander stuk van het terrein. Ze blijven ook de hele nacht aan. Dat is trouwens een tip voor wie thuis sproeit: als het zo heet is als nu, sproei dan ‘s nachts. Het water verdampt dan minder snel.”

Thuis heeft Marcel geen tuin. Voor hem zijn dat de voetbalterreinen van zijn club, waar hij dagelijks zowel buiten als binnen heel wat uren spendeert. Dat het gras op het A-terrein ondanks alle inspanningen hier en daar toch een rosse plek vertoont, heeft volgens Marcel deels te maken met het voetbalkamp voor de jeugd dat er vorige week plaatsvond. “Omdat het veld toen in gebruik was, konden we natuurlijk minder sproeien.”

De sproeiers doen hun werk. ©  Dirk Vertommen

Keerzijde

Hoewel de terreinen in droge periodes een extra inspanning vragen, kan de droge ondergrond volgens Marcel tegelijk een zegen zijn tijdens de herfst en de winter. “De keerzijde van de droge grond: we hebben hier in principe nooit wateroverlast”, zegt hij. “Een drainagesysteem hebben we dus niet nodig. In alle jaren dat we hier spelen, is het maar een keer gebeurd dat we door enorm regenweer een wedstrijd hebben moeten afgelasten.”

Voor wie het zich afvraagt, de club sluit haar sproeisystemen niet zomaar aan op een of ander kraantje van de waterleverancier. “We hebben een eigen waterput”, zegt Marcel. “Ons water kost ons dus vooral de elektriciteit die nodig is om het omhoog te pompen. Maar toch, ze geven volgende week regen. De opluchting zal enorm zijn als die ook echt zou vallen. Dat zal zeker niet alleen bij voetbalclubs het geval zijn.”

Vastgoed

Jobs in de regio