© ATV

Museum Mayer van den Bergh breidt uit: intimiteit blijft, maar museum wordt zichtbaarder

Antwerpen -

Museum Mayer van den Bergh breidt uit. Het ondertussen verlaten districtshuis ernaast, dat vroeger de woning van de familie Mayer van den Bergh was, wordt in het museum geïntegreerd. Dinsdag zijn de plannen voorgesteld.

Patrick Van de Perre

Het museum aan de Lange Gasthuisstraat is niet het grootste en evenmin het bekendste museum van Antwerpen. Maar tegelijkertijd is het museum de thuis van De Dulle Griet van Pieter Bruegel de Oude.

Oud-schepen Philip Heylen noemde dit zestiende-eeuws schilderij ooit De Nachtwacht van Antwerpen. Het museum is met meer dan zestig objecten op de Vlaamse Topstukkenlijst bovendien een vooraanstaand leverancier.

De collectie van de Antwerpse kunstverzamelaars, die bij testament één en ondeelbaar is, zit al decennia geprangd in het eigenlijk te kleine museum. Enkel een dependance in het aanpalende torengebouw zorgt voor enig soelaas. Maar daar komt nu verandering in.

“Met de op handen zijnde uitbreiding worden het museum en de naastgelegen familiewoning - noem het maar een stadspaleis - herenigd. Met de restauratie en de uitbreiding krijgt de collectie meer ademruimte”, zegt museumdirecteur Carl Depauw.

De toegang tot het stadspaleis, dat jaren dienstdeed als districtshuis, wordt de nieuwe entree van het museum. 

De toegang tot het stadspaleis, dat jaren dienstdeed als districtshuis, wordt de nieuwe entree van het museum. 

Binnenplaats komt terug

Een timing van de werkzaamheden is nog niet bekend en ook aan de financiering wordt nog gesleuteld. “Er zijn verschillende vooronderzoeken bezig en architecten aangeduid om de restauratie en de uitbreiding uit te voeren. Het definitief voorontwerp verwachten we begin volgend jaar”, vervolgt Carl Depauw.

Museumdirecteur Carl Depauw bij de wand waarachter de doorgang tussen het museum en de woning verscholen zit.

Museumdirecteur Carl Depauw bij de wand waarachter de doorgang tussen het museum en de woning verscholen zit. © Joris Herregods 

Het is de Nederlandse architect Happel Cornelisse Verhoeven, bijgestaan door de Brit Julian Harrap, die de klus gaat klaren. Verhoeven verbouwde eerder Museum De Lakenhal in Leiden en ontwierp onder andere een wooncomplex in de Antwerpse Cadixwijk. Harrap op zijn beurt is onderdeel van het architectenbureau dat de Bourlaschouwburg aanpakt.

“We willen de ruimten in het stadspaleis waar het kan in hun originele staat terugbrengen. Hoewel sommige authentieke elementen verdwenen zijn, is er nog voldoende bewaard om de sfeer van het begin van de vorige eeuw terug te brengen”, legt Happel Cornelisse Verhoeven uit.

Ook de originele binnenplaats komt terug. Die is nu volgebouwd met koterijen, waarin tot voor kort onder andere de lokettenzaal van het districtshuis zat. “De binnenplaats wordt een centrale plek, waar museumbezoekers verzamelen kunnen blazen of op elkaar wachten. Ook de achter een muur verstopte doorgang van het museum naar de woning wordt opnieuw vrijgemaakt”, aldus nog de architect.

De nu volgebouwde binnenplaats wordt in ere hersteld zoals hier op een simulatie te zien is. 

De nu volgebouwde binnenplaats wordt in ere hersteld zoals hier op een simulatie te zien is. © Happel Cornelisse Verhoeven Architecten

Zichtbaarder voor het publiek

Voor de schepen van Cultuur Nabilla Ait Daoud (N-VA) is de verbouwing en restauratie van het museum en de voormalige woning de uitgelezen kans om Museum Mayer van den Bergh zichtbaarder te maken voor het publiek.

“Het zal niet langer een verborgen plek zijn, maar een museum dat een stuk zichtbaarder wordt op straat. Binnen worden de intimiteit en de intensiteit behouden. Niet voor niets schreef een bezoeker bij de opening van het museum in 1904 dat de collectie én het gebouw een harmonieuze en zeldzame combinatie vormen.”

Aangeboden door onze partners