Knip! Zo snel gaat het eurekamoment soms, zegt Jules Verbert. Maar daarna begint het grote werk pas. 

Knip! Zo snel gaat het eurekamoment soms, zegt Jules Verbert. Maar daarna begint het grote werk pas. ©  Koen Fasseur

De frikrol ‘voor de luie ballendraaier’, nu een cult-huishoudapparaat, zeker in Nederland. 

De frikrol ‘voor de luie ballendraaier’, nu een cult-huishoudapparaat, zeker in Nederland. ©  koen fasseur

De teenslippers die Jules uitvond. 

De teenslippers die Jules uitvond. ©  koen fasseur

1 / 3
thumbnail: Knip! Zo snel gaat het eurekamoment soms, zegt Jules Verbert. Maar daarna begint het grote werk pas. 
thumbnail: De frikrol ‘voor de luie ballendraaier’, nu een cult-huishoudapparaat, zeker in Nederland. 
thumbnail: De teenslippers die Jules uitvond. 

Uitvinder van de Frikrol: “Dé kunst was om van een vierkant blokje tot rond balletje te komen”

“Mensen kunnen met raketten naar de maan vliegen, maar ze moeten nog altijd met hun handen frikadellen rollen.” Die wijze woorden sprak in 1988 Jules Verbert (74) uit Pulderbos, de uitvinder van de Frikrol, het eerste toestel om zonder vingers vuil te maken gehaktballetjes te rollen. 34 jaar later is de Frikrol een soort cult-huishoudtoestel geworden. Dat het apparaat nooit dé grote doorbraak beleefde zoals de aardappelkroketmachine millecroquettes wél, komt omdat de productieprijs te hoog lag, blikt Jules die nog tal van andere onmisbare uitvindingen deed terug op zijn eurekamoment.

Kristin Matthyssen

Tik ‘Frikrol’ in als zoekterm op Google en je komt op tal van nostalgische websites. Vreemd genoeg: vooral van Nederlanders. “Voor de luie ballendraaier bestaat er een soepballenmachine”, meldt de blog Ministerie van Eten en Drinken, die wijst op de culinaire meerwaarde van de zelfgedraaide bal.

“Vandaag kwam er een vintage seventies Frikrol binnen”, meldt een verkoopssite. “Wie kent ’m niet?” Die ‘seventies’ is overdreven, want het toestel bestaat dus nog maar sinds 1988. We stootten ook op volgende Facebookconversatie: “Maar hoe handig is dit! Een soepballetjesrolmachientje. Heb dit apparaatje al 30 jaar, werkt perfect. Ben op zoek naar een tweede voor mijn kleindochter”, meldt ene Chris. Waarop Yvonne repliceert: “Heeft iemand er nog één te koop? Ik zoek hier al een aantal jaar naar.”

Het doet ballendraaier Jules Verbert deugd te horen dat zijn ‘handig keukenaccessoire’ nog niet vergeten is. Hij woont nog steeds in hetzelfde huis waar we hem destijds interviewden en ziet er krek hetzelfde uit. Tijdens ons bezoek heeft hij al zijn uitvindingen op de tafel geposteerd, en het valt ons op hoe klein het doosje van de Frikrol is. In onze herinnering was het een veel groter apparaat.

“Ik heb destijds een opleiding gevolgd aan de voorloper van het PIVA in Antwerpen en ben dus geschoold als kok en bakker”, steekt de vader van de Frikrol van wal. “In de jaren tachtig werkte ik in de wereld van roomijs en pralines in Westmalle. Maar ik was ook kok geweest in het Revalidatiecentrum, het vroegere Preventorium, in Pulderbos, waar ik veel balletjes heb gerold. Een uitvinder is iemand die alles in vraagt durft stellen. Dat moest toch rapper gaan? Dus bedacht ik een apparaat om 24 balletjes tegelijk te rollen. De kunst was om van vierkante blokjes naar ronde balletjes te gaan. Het is ook voor dát proces dat ik mijn octrooi heb gevraagd. Een octrooi of patent is een bescherming van de creativiteit.”

Prototypes

Thuis maakte hij prototypes, onder meer in aluminium. De uiteindelijke Frikrol werd in plastic uitgevoerd, juist zoals de Millecroquettes. Of hij zich door die beroemde krokettenmachine, een uitvinding van Antwerpenaar Gaspard Thienpont, liet inspireren? “Nee, maar ik heb wel advies gevraagd aan zijn zoon voor de verpakking. Die grafische vormgeving en druk gebeurde door dezelfde firma als van de Millecroquettes.”

Jules Verbert tussen zijn uitvindingen. 

Jules Verbert tussen zijn uitvindingen. ©  koen fasseur

De Frikrol was gericht op kleine gehaktballetjes voor in soepen of sauzen, geen gehaktballen voor frikadellen met krieken. Jules trok naar beurzen om zijn uniek apparaat voor te stellen en liet ook een promotiefilm maken. Daar hoorde een bevlogen demonstratrice bij als gezicht van de Frikrol. “Heel straf: iemand die ik via-via kende, vertelde over ene Mieke Sergeant, net afgestudeerd of nog studerend aan de Studio Herman Teirlinck, en volgens hem een immens talent. Hij had gelijk, want zij werd later beroemd als Ingeborg. Ingeborg heeft met onze Frikrol balletjes gerold in het demofilmpje. Sommige mensen hadden er direct de ‘pak’ van weg, zoals Ingeborg, anderen konden er niet mee werken. Veel had te maken met de gehaktsamenstelling. Ik had een basisrecept op de verpakking staan, met 75 gram paneermeel, 1 ei, muskaatnoot, peter en zout voor 250 gram gehakt. Het rollen met de Frikrol gebeurde best tien minuten na de verwerking. Maar sommige mensen gebruikten geen broodkruim of deden melk in het gehakt. Dan wordt het veel te plakkerig en mislukte het. Later heeft Ingeborg nog een tijdje hier in onze straat in Pulderbos gewoond. Koen Wauters bleef daar soms overnachten toen hij zijn legerdienst in Turnhout deed en niet over-en-weer naar Brussel geraakte.”

Helikoptercrash

Aan die promotiefilm hangt nog een dramatisch verhaal vast. “Het waren dus vijf toffe mannen die dat filmpje met Ingeborg en mijn Frikrol gemaakt hadden. Maar korte tijd later zijn die allemaal verongelukt, omgekomen in een helikoptercrash in het Antwerpse. Als ik het me goed herinner heeft die piloot met zijn wieken iets geraakt, wou die een noodlanding maken maar heeft hij met een stuk metaal een spoorweg geraakt en zijn die zo geëlektrocuteerd. Een vreselijk drama. Die mannen hadden ook de moederband van de demofilm van de Frikrol in hun bezit. Uiteindelijk heb ik die ergens kunnen lokaliseren in het centrum van Antwerpen en kon ik die film met Ingeborg toch nog gebruiken voor de promotie.”

De Frikrol. Bovenaan moet je het gehakt aandrukken en snijden.  

De Frikrol. Bovenaan moet je het gehakt aandrukken en snijden.  

Omdat een Europees octrooi aanvragen bijna ondoenbaar is, vroeg Jules een Belgisch octrooi aan. Hij liet de Frikrol produceren bij een firma in het Antwerpse. Maar daar liep het wat mis. Er werd een soort onverslijtbaar materiaal gebruikt dat ook bij de ruimtevaart werd ingezet dat de productieprijs de hoogte opdreef. “Op de beurs Trade Mart Utrecht won ik bijna de eerste prijs. Blokker wou de Frikrol verdelen. Het had een hit kunnen zijn. Maar de prijs was te hoog. Ik geloof dat een Frikrol toen iets van een 700 Belgische frank kostte. Tuurlijk is dat te duur. Blokker kon het tegen die prijs niet verdelen. Pas op: ik had wel afnemers. Er zijn er duizenden gemaakt, maar de Frikrol had nog zo veel groter kunnen worden, mocht de productieprijs redelijker zijn geweest. Nadien is de matrijs (gietvorm) die mijn eigendom was, nog zoek geraakt.”

Walter Capiau

Er zijn momenten geweest dat de Frikrol geweldig marcheerde. “In Nederland werden er veel verkocht. En één keer toonde Walter Capiau rond de nieuwjaarsperiode de Frikrol in zijn bekende spelprogramma Hoger,Lager op de BRT. Alle Vlamingen keken toen naar Hoger, Lager. Die impact van televisie was enorm. Ik geloof dat de Frikrol gewoon in een prijzenkarretje lag, en dat Capiau zei: kijk, iets handigs om gehaktballetjes te maken! Gewoon die ene zin gaf de Frikrol een enorme boost. We krijgen trouwens jaarlijks rond eindejaar nog telefoon van mensen die een Frikrol zoeken, op momenten dat ze verse balletjes voor de vol-au-vent of soep moeten rollen voor de feesten.”

Soepballetjes uit de frikrol zijn klein van formaat. 

Soepballetjes uit de frikrol zijn klein van formaat. ©  kma

Jules Verbert vertelt het allemaal luchtig, zonder verbittering. Of zijn idee ooit gekopieerd werd? “Nee, nadien zijn vrij snel de automatische gehaktballenmakers gekomen. En tegenwoordig kopen de mensen hun diepgevroren balletjes in zakken in de supermarkt. Zelf gebruik ik nog wekelijks de Frikrol. Het blijft een ingenieus systeem. Ik zou zot zijn om het niet te gebruiken als ik zelf zoiets uitvind!”

“Ik dacht dat het iets voor Afrika kon zijn”, zegt Jules over zijn slippers. 

“Ik dacht dat het iets voor Afrika kon zijn”, zegt Jules over zijn slippers. ©  rr

De Pulderbossenaar deed nog bijzondere uitvindingen, zoals de Spanish charclas, een soort compacte teenslipper met uitgestanst hielbandje achteraan en een lip om de grote teen door te steken, uitgevoerd in kunststof. “Die productieprijs lag heel laag. Ik dacht dat het misschien iets voor Afrika kon zijn, of iets handig voor aan het zwembad of op het strand.”

Nog iets praktisch: de Tie-Fix, om te verhinderen dat de stropdas flappert. “Maar de mensen dragen geen stropdas meer”, zegt Jules. De Flowers Suprise, om bloemenconstructies te maken rond een plastic rietje, heeft hij kunnen verkopen. Die uitvinding deed het goed in de speelgoed- en hobbywinkel en is gewoon ook erg leuk. “Maar op die laatste uitvindingen heb ik geen octrooi genomen, maar een certificaat van registratie. Rietjes om liggend te drinken heb ik ook nog uitgevonden. Die liet ik in Hongkong produceren.”

In zijn wonderjaren maakte Jules deel uit van het uitvinderscollectief Brainbank, met Dirk Laureyssens uit Zoersel als een van de drijvende krachten. “Mijn maten zijn intussen allemaal gestorven, vrij jong. Ik ben de enige die overblijft. Ik was een beetje de creatieve denker, terwijl Dirk heel goed patenten kon schrijven en zaken uittekenen. Dirk was jonger dan ik. Hij is vorig jaar overleden in een assistentiewoning hier in Pulderbos. Ik mis hem. Tot het laatst bleef hij zaken bedenken. Zo herinner ik me dat hij nog bezig was met de aanpasbare dobbelsteen waarbij je met een druksysteem het aantal ogen kon opdrijven.”

Er komt een glimlach op zijn gezicht als hij aan al hun zotte stoten terugdenkt. “Ik heb eens een lipje uitgevonden zodat je je blikje weer kon afsluiten. Maar die drankenfabrikanten waren niet geïnteresseerd, omdat die juist wilden dat de drank verschraalt in het blik na opening, zodat mensen sneller een nieuw blik openen. Ik had dat systeem veeleer tegen de insecten bedacht. Nog vondsten: een kruk met een stootopvanger om de schouders te sparen. Of het zweetvoetenpoeder Sweet Feet. Zakken heb ik daar nog van staan, en toch werkte dat superefficiënt.”

Een artikel uit januari 1988. 

Een artikel uit januari 1988. © rr

Trechter

Met één anekdote moet Jules schuddebuiken van het lachen. Het is dan ook hilárisch, regelrechte kolder. “Samen met Dirk had ik zo’n soort spiraalstructuur ontwikkeld om in een trechter te kleven zodat het water er sneller uitliep. We hadden dat hier thuis uitgebreid getest met trechters van Curver. Dirk had er een hele tekening van gemaakt en we hadden bij Curver in Nederland een afspraak versierd om onze uitvinding voor te stellen. Die Nederlanders luisterden zeer geïnteresseerd terwijl we alles demonstreerden. ’s Avonds thuis zaten we hier nog na te genieten toen mijn vrouw plots opmerkte dat de ‘teut’ van die ene trechter veel groter was dan van de andere. Beide trechters waren even groot, maar die openingen onderaan waren verschillend! Logisch dat uit de trechter met de grootste teut het water veel sneller wegliep. We deden het bijna in onze broek van het lachen. Nee, van Curver hebben we achteraf niks meer vernomen, al denk ik tot vandaag dat die Hollanders het ook niet door hadden.”

Het kroonjuweel, de Frikrol. 

Het kroonjuweel, de Frikrol. ©  kma

Het kroonjuweel, de Frikrol. 

Het kroonjuweel, de Frikrol. ©  kma

De Frikrol. 

De Frikrol. ©  kma

Vastgoed

Jobs in de regio