Burgemeester De Wever blij met terugkeer naar Schoon Verdiep, maar: “Het is prachtig, maar hier acht uur werken is niet zo wow hoor”

In Antwerpen is het stadhuis na vier jaar renovatiewerken opnieuw in gebruik genomen. De heropening ging gepaard met een groot volksfeest en een officieel moment waarvoor ook De Strangers werden opgetrommeld en hun officieuze hymne van de stad “Antwaarpe” zongen. Bart De Wever is blij dat hij na vier jaar het kantoor in de “lelijke” Hofstraat achter zich kan laten en twee straten verder weer in het “prachtige, maar altijd functionele” Schoon Verdiep zit.

Het stadhuis in Antwerpen stond de voorbije vier jaar in de steigers en werd zowel binnenin als aan de buitenkant grondig gerenoveerd. Om de heropening te vieren, vindt in Antwerpen nog tot zaterdagnacht een volksfeest plaats. Rond kwart voor vier werd het gerenoveerde stadhuis plechtig heropend, door een groot cijferslot te ontcijferen waarmee de poorten waren gesloten.

Om het cijferslot te openen, waren zes cijfers nodig en die werden door enkele prominenten aangebracht. De eerste was oud-burgemeester Bob Cools. Daarna kwamen architecte Danielle Van de Vloet en projectleider Ann Volders aan de beurt, op hun beurt gevolgd door een sterk geëmotioneerde districtsburgemeester Paul Cordy. Algemeen directeur Sven Cauwelier en Simonne Vlegels, een van de eerste vrouwelijke stadsdirecteurs van de stad, kregen de eer een cijfer te draaien en tot slot vervolledigde burgemeester Bart De Wever de code.

 ©  Kris Van Exel

Die code was 166.916, ofwel het aantal dagen dat het stadhuis, dat 457 jaar oud is, al dienst doet als huis voor alle Antwerpenaren. “Ik ben heel trots en blij dat we vandaag terug in ons stadhuis kunnen intrekken. Ik heb het gemist, het districtshuis was oké maar heeft niet wat ons ‘Schoon Verdiep’ heeft”, zei De Wever.

Op de tonen van de stadstrommelaars en onder het toeziend oog van enkele vendelzwaaiers werden de poorten geopend. De eerste gasten in het vernieuwde stadhuis bleken De Strangers te zijn, die vanop het balkon op de eerste verdieping hun lied ‘Antwaarpe’ zongen, luidkeels bijgestaan door het publiek.

 ©  Kris Van Exel

Radio Minerva

Na het officiële luik nemen we een kijkje in het stadhuis. Op het gelijkvloers verzorgt Radio Minerva een speciale uitzending. Ze brengen er de hele dag lang een mix van evergreens van eigen bodem en klassiekers uit het buitenland. Voor de seniorenzender op Linkeroever is het nog tot augustus bang afwachten of ze hun zendfrequentie kunnen behouden, maar vandaag worden die zorgen even opzij gezet. “We hadden ons veertig jaar geleden, toen we begonnen, nooit kunnen voorstellen dat we vanuit het stadhuis live een radio uitzending zouden verzorgen,” vertelt Wilfried Vriens. “Al moesten de mensen van het stadhuis ons nog doeken bezorgen om te akoestiek te verbeteren - Toen we aankwamen, galmde het hier enorm. Enfin, dit is voor ons een absoluut hoogtepunt. En straks om 21u komt onze bekende dj Danny Van Tichelen plaatjes draaien vanop het balkon van het Schoon Verdiep. Echt uniek!”

 ©  Kris Van Exel

Licht dankzij schilderijen

Vervolgens bezoeken we met Carl Huybrechts, die de opening samen met Esohe Weyden presenteerde, het Schoon Verdiep. “Ik ben hier in de jaren 70 nog getrouwd en had het hier sinds de renovatie niet meer gezien. Wat me meteen opvalt, is dat is het dat hier veel lichter is. Dat komt deels door de gerestaureerde schilderijen denk ik. Vroeger waren die grauw en bruin omdat ze bedekt waren met een laag nicotine. Maar nu zorgen ze voor een soort sfeerverlichting. Het is hier veel behaaglijker geworden.”

Als ik ooit nog zou trouwen

Ook Stranger Nest Adriaensen is onder de indruk van het vernieuwde stadhuis: “Bart De Wever had me eerder al een rondleiding gegeven en het is echt knap geworden. Heel Antwerpen mag er fier op zijn. Als ik ooit nog zou trouwen, dan wil ik dat hier wel doen.”

En wat vindt Nest hun optreden zonet? “Heel plezant. Dan sta je daar op dat balkon met zicht op een massa volk dat meezingt op de Grote Markt. Heel indrukwekkend. En onze burgemeester kan precies beter zingen dan wijzelf,” klinkt het met een knipoog.

Bart De Wever verduidelijkt: “Ik heb enthousiast meegezongen, maar de microfoon stond uit. Ons optreden was volledig playback: de originele versie van ‘Antwaarpe’ werd afgespeeld want de stem van Bob Van Staeyen kan ik in de verste verte niet evenaren. Wel in tegendeel: ik zing zo vals als een kat. De Strangers bestaan nu zeventig jaar, vertegenwoordigen zowat het naoorlogse Antwerpen en zijn levend erfgoed. Om ‘Antwaarpe’ vandaag over de Grote Markt te laten weerklinken was dus heel mooi.”

Bart De Wever met de drie resterende Strangers ©  Kris Van Exel

Tsunami

We treffen de Antwerpse burgemeester aan zijn bureau op het Schoon Verdiep. Hij is een moe, maar gelukkig man. Moe want het was al een tijdje erg hectisch: “Ik ben hier vandaag amper op tijd geraakt want ik had in de voormiddag nog een bewonersvergadering in de wijk Amandus-Atheneum. De afgelopen drie maanden kreeg ik een tsunami over me heen. Zoiets heb ik nog nooit meegemaakt. Ik klaag niet want mijn hobby is mijn beroep, maar het was toch zwaar.”

“Sinds het einde van de coronacrisis zijn mensen vaak meer met zichzelf bezig. Ze hebben soms psychische problemen, wat ik ook bij mijn eigen kinderen zie, ofwel besluiten ze om hun leven over een andere boeg te gooien. Zo zijn er mensen die plots besluiten om met de politiek te stoppen (hier verwijst Bart De Wever mogelijk naar Valerie Van Peel, de ondervoorzitter van de N-VA die recent aankondigde dat ze het voor bekeken hield, red.). Maar anderzijds heeft een samenleving die blijkbaar besloten heeft om twee jaar stilstand op een half jaar in te halen. Er zijn nu zoveel initiatieven waarbij ik geacht wordt om aanwezig te zijn, dat er moeilijke keuzes moeten worden gemaakt. Ik ben aan het aftellen naar 21 juli, wanneer voor mij de zomervakantie begint. Dit hou ik geen zes maanden meer vol.”

Bidden voor geen toiletbezoek

Maar Bart De Wever is dus niet alleen moe, maar ook gelukkig. De renovatie van het stadhuis is eindelijk rond en zo kan hij weer naar zijn vertrouwde stek op het Schoon Verdiep verhuizen. “Daar ben ik erg blij mee, al kon mijn woordkeuze tijdens de inhuldiging zonet waarschijnlijk beter. Toen ik mijn tijdelijke kantoor in de Hofstraat ‘afschuwelijk’ noemde, kreeg ik een scheve blik van schepen Peter Wouters. Zolang de werken in het stadhuis niet helemaal zijn afgerond, is dat nu namelijk voorlopig zijn kantoor,” lacht hij.

De renovatie was noodzakelijk. “Het gebouw was totaal op. Het antieke behangpapier viel letterlijk van de muren en de brandveiligheid kon met, onder andere blootliggende elektriciteitsdraden, niet langer worden verzekerd. Het was afwachten tot dat eens goed fout liep.” Ook het sanitair was “beneden alle peil, op het niveau van een veredelde voetbalkantine. Ze stond soms zelfs onder water en er was altijd een rioolgeur. Echt vies. Ik heb hier prominenten zoals de president van Duitsland en Israël ontvangen. Ook het koningspaar komt hier regelmatig over de vloer. En telkens bad ik fervent dat ze niet zouden vragen om naar het toilet te gaan.” Verder werden ook de verwarming en de isolatie handen genomen. “Hier werd jaarlijks zowat een heel gasveld opgestookt.”

Afscheid van het tijdelijke kantoor in de Hofstraat. ©  Kris Van Exel

Klaar voor de volgende 200 jaar

Er wordt verwacht dat het gerenoveerde stadhuis het duurzaamheidskenmerk ‘excellent’ van de internationale organisatie BREEAM zal krijgen. “Voor zo’n oud monument is dat uitzonderlijk.”

Bart De Wever gaat verder: “Het project heeft vier jaar aangesleept, maar werd heel grondig gedaan. De laatste keer dat dat gebeurde was in de tijd van Bourla, in de 1870s. In tussentijd werd er hier en daar iets opgeknapt, maar ik durf gerust zeggen dat het stadhuis er nu weer 200 jaar tegen kan. We hebben niet alleen het Schoon Verdiep in al zijn pracht en praal hersteld, maar ook gedurfde keuzes gemaakt. Zo werd de tweede verdieping volgens een hedendaags ontwerp gerenoveerd.”

Het meest indrukwekkende aspect vindt de burgemeester het nieuwe parket. “Ik ‘woon’ hier al een hele tijd en na de renovatie zag ik veel dingen ik allang kende. Opgefrist, maar bekend. Het parket is een ander verhaal. Dat is helemaal nieuw en schitterend gelegd. Het leek even alsof ik hier nog nooit eerder was geweest. We kregen er al veel complimenten over en het springt echt in het oog.”

Een echte miskleun

Tenslotte volgt een korte rondleiding door zijn werkplek - inclusief een schouw die ouder is dan het stadhuis- van de burgemeester. “De Hofstraat was lelijk, maar functioneel. Hier is het net het omgekeerde. Heel mooi om naar te kijken, maar niet altijd even praktisch. Het blijft tenslotte een 16de-eeuws gebouw. Iedereen vindt mijn kantoor prachtig, maar om hier acht uur of langer te werken is niet zo wow hoor.”

“Mijn bureau is een siertafel die veel te breed en te hoog is, ik voel me precies een dwerg als ik daar achter zit. Ook de rest van meubilair is niet gemaakt voor hedendaags, praktisch comfort. Maar het zijn historische stukken die je niet zomaar mag vervangen.”

Dat geldt ook voor de schilderijen aan de muur van zijn kantoor. Daar hangen naast beroemde burgemeesters zoals Van Stralen, Van Ertborn en Marnix ook fraaie portretten van 20e-eeuwse collega’s zoals Lode Craeybeckx, gemaakt door Isidore Opsomer. Toen burgermoeder Mathilde Schroyens overleed, was die schilder al gestorven. “Een kunstige mevrouw zei toen dat ze dat even goed als Opsomer kon doen en het resultaat, dat hier nu hangt, is een echte miskleun. En te weten dat ik tijdens de renovatie besloot om mijn bureau naar de andere kant van de ruimte te verzetten, zonder erbij stil te staan dat ik nu elke dag naar dat portret moet kijken. Dat maakt me droevig want Mathilde was een bijzondere vrouw die beter verdient. Maar ook daar kan ik zelf niks aan doen want het staat gecatalogeerd als een historisch werk.”

 ©  Kris Van Exel

Zwaarden en sabels

Op het bureau van de burgemeester zien we zowaar een zwaard. “Mijn opvolger hoeft zich daar geen zorgen over te maken. Ik heb dat zelf meegenomen en gaat dus uiteindelijk weer mee naar huis. Maar de sabel daar van het 6de Linieregiment zal hier altijd blijven. De legereenheid bestaat inmiddels niet meer, maar ze was destijds in Antwerpen gekazerneerd en de burgemeester is automatisch de sabeldrager. Ze wordt tijdens een militaire ceremonie aan de nieuwe burgemeester overhandigd.”

Tenslotte nog even terug naar die schilderijen: een burgemeester krijgt pas na zijn of haar overlijden een portret in het stadhuis. “Iets wat je een ex-burgemeester dus niet wil toewensen, grinnikt Bart De Wever. “Maar zijn zo’n schilderijen nog wel nodig? Kunnen we niet met de 20e eeuw afsluiten? De muren van het stadhuis hangen trouwens vol, al er is nog wel plaats in het toilet. Daar mogen ze mijn portret eventueel wel ophangen.” Voortaan zonder rioolgeur.

 ©  Kris Van Exel

 ©  Kris Van Exel

 mibl, doro

MEER OVER Meest gelezen

Aangeboden door onze partners

Meest gelezen

Vastgoed

Jobs in de regio