
Luisa Fortunato en Teresa Rodrigues brengen een snuifje Portugal naar Deurne. — © Joris Herregods
Portugees restaurant Alegria maakt doorstart na versoepelingen
Het Portugese restaurant Alegria deed een maand voor de eerste lockdown zijn deuren open. Slechte timing. Maar Teresa Rodrigues en Luisa Fortunato sloegen zich met verve door de pandemie en staan na de versoepelingen helemaal klaar voor de échte start.
De Portugeestalige gemeenschap in Antwerpen heeft al lang zijn vaste pleisterplekken op en rond het Sint-Jansplein in Antwerpen-Noord, maar bijna twee jaar kwam er, ver van het stadsgewoel, een nieuw pareltje bij: brasserie Alegria in de statige Ter Rivierenlaan in Deurne.
Teresa Rodrigues en Luisa Fortunato kozen doelbewust voor deze plek. “We komen graag in de Portugese buurt in Antwerpen-Noord”, zegt Teresa. “Je kunt er op veel plekken ook lekker eten. Maar wij zochten een rustigere plek, die ook wat toegankelijker was voor de mensen die niet zo van de drukte houden.”
Teresa is afkomstig uit Peniche, een vissersdorpje op een schiereiland in de Atlantische Oceaan, ten noorden van Lissabon. Als jonge vrouw kwam ze een vriendin bezoeken die in Antwerpen woonde. Ze werd verliefd op de stad, kwam een paar keer terug en bleef uiteindelijk plakken. Dat was 28 jaar geleden.

© Joris Herregods
Teresa begon te werken in de horeca, eerst als afwasser in brasserie De Post op de Groenplaats, maar kwam al snel achter de potten terecht. “Daar leerde ik de Belgische keuken kennen: stoofvlees, witloof in de oven, de klassiekers. Later begon ik in de zaal. Ik hield van de interactie met de klanten en de gezelligheid. In die tijd bruiste het centrum wel veel meer dan vandaag.”
Door de jaren werkte Teresa in bekende Antwerpse etablissementen als De Talloorkes, De Balie en het Plaza Hotel. Toen ze rond 2015 opdiende in Entrepot du Congo op de Zuiderkaaien, begon ze te dromen van een eigen zaak. Haar goede vriendin en collega Luisa Fortunato, die een opleiding tot chef had gekregen in Portugal, droomde mee. “We hebben eerst nog hard gewerkt en gespaard en dan zijn we met de hulp van Luisa’s zoon Carlos hier begonnen”, vertelt Teresa.
De twee Portugese vrouwen brengen de keuken van Peniche naar onze stad. Specialiteiten zijn de caldeirada, een stoofpotje van verschillende vissoorten, gamba’s en schelpen en de cataplana, die typisch Portugese dubbele pan waarin ze onder andere surf-en turfgerechten maken en de royale zeevruchtenschotels voor twee personen, die je wel op voorhand moet reserveren. “Want we gebruiken alleen verse ingrediënten”, zegt Teresa. “We hebben ook pas geïnvesteerd in een grote grill voor onze sardines, dorades en vleesgerechten.”

© Joris Herregods
Je kunt bij Alegria – dat is Portugees voor ‘geluk, blijheid’ – ook komen lunchen voor 12,5 euro. Of gewoon een vinho verde, een SuperBock of een huiscocktail (witte porto met tonic en limoen) komen drinken, al dan niet met tapas erbij. Een vers kabeljauwpasteitje bijvoorbeeld.
De timing van de twee stralende Portugezen was niet ideaal. Amper een maand na de opening van Alegria begin 2020 kwam de eerste lockdown. “We hebben eventjes gepanikeerd”, zegt Teresa. “Maar met de overheidssteun, het inzetten op takeaway en héél zuinig leven, zijn we de voorbije twee jaar doorgekomen.”
De vaste klanten van Jorge Pereire, de geliefde Portugees van Deurne op het Cogelsplein, die vorig jaar zijn restaurant ombouwde tot een beenhouwerij-traiteur, hebben ondertussen, net als Jorge zelf, de weg naar Alegria gevonden. Ze komen er tafelen tussen de muurschilderingen van Amalia Rodrigues en de befaamde tram van Lissabon. Op de achtergrond horen ze de moderne fado van Anna Moura.
“Gelukkig hebben ook de mensen uit de buurt ons hier goed ontvangen”, zegt Teresa. “Velen onder hen zijn ondertussen al goede klanten. Van toevallige passanten kunnen we het hier niet hebben. Maar we beginnen te merken dat onze goede naam zich verspreidt. De mensen komen nu ook uit de stad en uit andere gemeentes in de buurt. En van verder zelfs. Een paar weken geleden zaten hier plots twee Duitsers in het restaurant.”




