Ward en collega’s hebben net een bruine kiekendief (Circus aeruginosus) geringd in hun vangplaats in Vorselaar. 

Ward en collega’s hebben net een bruine kiekendief (Circus aeruginosus) geringd in hun vangplaats in Vorselaar. © Jef Van Gool

Ward Wuestenberghs uit Lichtaart zit in zijn laatste middelbaar wiskunde-wetenschappen, maar heeft intussen al wel een diploma vogelringer op zak. 

Ward Wuestenberghs uit Lichtaart zit in zijn laatste middelbaar wiskunde-wetenschappen, maar heeft intussen al wel een diploma vogelringer op zak. ©  Bert De Deken

1 / 2
thumbnail: Ward en collega’s hebben net een bruine kiekendief (Circus aeruginosus) geringd in hun vangplaats in Vorselaar. 
thumbnail: Ward Wuestenberghs uit Lichtaart zit in zijn laatste middelbaar wiskunde-wetenschappen, maar heeft intussen al wel een diploma vogelringer op zak. 

Ward Wuestenberghs (17) is jongste erkende vogelringer van België: “Vanaf mijn zevende begon ik vogelsoorten uit het hoofd te leren”

Lichtaart -

Ward Wuestenberghs (17) uit Lichtaart (Kasterlee) mag zich de jongste, officieel erkende vogelringer van België noemen. Ward slaagde zopas in het aartsmoeilijke examen voor vogelringer van het Koninklijk Instituut voor Natuurwetenschappen in Brussel. “Het is een passie.”

Marc Helsen

Ward, die in het laatste jaar wiskunde-wetenschappen van het Sancta Maria Instituut in Kasterlee zit, is al begeesterd door alles wat vliegt en pluimen heeft sinds zijn zevende. Tijdens ons gesprek ligt de bijbel van elke vogelliefhebber in de Lage Landen voor zijn neus, een beduimeld exemplaar van de ANWB Vogelgids van Europa. Een turf van ongeveer 450 pagina’s, die Ward zowat uit het hoofd kent.

“Daarin staan 530 vogelsoorten”, legt hij uit. “Bijna 60% ervan heb ik al gezien, de rest hoop ik ooit nog te zien, het is mijn droom elke vogel uit dat boek ooit te hebben waargenomen. Dat boek is voor mij dagelijkse lectuur en het gaat dan ook overal waar ik ga en sta mee naartoe.”

Dat was nodig, want het jaarlijkse examen van Koninklijk Instituut voor Natuurwetenschappen is geen kattenpis. Je slaagde van de eerste keer. Hoe ging dat?

Ward Wuestenberghs: “Je moet 16 zijn om te mogen deelnemen. Eigenlijk had ik al in 2020 het examen willen doen, maar toen werd het afgelast door de Covid-regelgeving. Dus werd het eind 2021. Je moet je goed voorbereiden. Sinds ik 15 ben, heb ik een eigen cursus gemaakt, waarin ik info over vogelsoorten opschrijf. Daarnaast moet je heel goed de wettelijke procedures kennen. Er melden zich kandidaten uit heel België aan. Ditmaal deden er twintig mensen uit Vlaanderen mee. Sommige kandidaat-ringers kwamen in 2021 al voor de vierde maal naar het examen, in de hoop er dit keer door te geraken.”

Hoe is jouw passie voor vogels ontstaan?

“Vanaf mijn 7de begon ik vogelsoorten uit het hoofd te leren en ging ik mee met ringers om vogels uit hun vangnetten en nestkasten te halen. Ik heb veel te danken aan Dave Druyts uit Lichtaart, die me meenam naar de Hoge Rielen in Tielen om de kuikens in de nestkasten te ringen onder toezicht van de aanwezige ringer. Dankzij hem ben ik in contact gekomen met het wetenschappelijk ringwerk. Een van de eerste, boeiende reizen die ik deed, was met mijn ouders naar de Pyreneeën, toen ik 9 jaar oud was. Daar stonden mensen met verrekijker naar de gieren te kijken. Ik heb daar heel lang door hun lenzen gekeken. Toen was ik helemaal verkocht.”

De moeder van Ward komt tussen: “Sindsdien staan alle vakanties hier in het teken van vogels. Thuis sta ik ook paraat. Soms hoort hij dat er 30 kilometer van hier een vogel is gespot en dan mag ik achter het stuur kruipen.” (lacht)

Ward Wuestenberghs: “Soms is het ook vlak bij huis, hoor. Een dag of tien geleden was er hier op het Zwart Water in Lichtaart nog een witoogeend gezien en naar verluidt ook een bronskopeend. Die laatste is mogelijk de eerste waarneming in België, maar dat moet nog worden bevestigd. Zelf heb ik die bronskopeend niet gezien. Spijtig, want die kwam wellicht helemaal uit China.”

Heeft Covid-19 je vogelactiviteiten beïnvloed?

“Bij het begin van de coronacrisis was het geen school. Toen ben ik heel veel vogels gaan kijken en heb ik heel veel waarnemingen gemeld.”

Waarom is vogels ringen zo belangrijk?

“Het gaat erom wetenschappelijke gegevens over vogels te verzamelen. Daarom ligt in het examen de lat ook zo hoog. Wetenschappers gaan met jouw informatie aan de slag.”

Ward onderzoekt samen met de ringers een gevangen vogel. 

Ward onderzoekt samen met de ringers een gevangen vogel. ©  RR

Het moet dus allemaal erg correct zijn wat je doorgeeft. Hoe gaat dat?

“Het begin met vroeg opstaan. Vaak vertrek ik om 4.30u naar de ringplaats in Vorselaar. Daar vang je dan een vogel, je ringt die en je hoopt dan dat iemand die ooit opnieuw vangt. Als dat gebeurt, krijgt het Koninklijk Instituut voor Natuurwetenschappen een melding. Zij kunnen uit die vangsten allerlei info afleiden over het gedrag van die vogel: trek, broedplaatsen op jaarbasis, en zo verder. Die gegevens helpen ook om inzicht te krijgen in de gevolgen van de klimaatverandering, die vogels aanzet in bepaalde gebieden te verschijnen of te verdwijnen. Vergeet niet dat trekgedrag bij vogels de basis vormde voor het ringen. Als ringer win je veel info in die je als gewoon vogelkijker niet krijgt. Wist je trouwens dat in België de oorsprong ligt van het vogelringen? Wij zijn ook een van de grootste ringlanden wereldwijd.”

Hoe worden de vogels gevangen?

“Erkende ringers met een vangvergunning vangen ze voornamelijk met mistnetten, slagnetten en ook in nestkasten.”

Hoeveel vangen jullie er zo op een seizoen?

“Het ringseizoen loopt van augustus tot november. Buiten die maanden wordt er minder geringd. Ons werkgebied valt onder Lier, maar we beperken ons tot Herentals, Lichtaart, Kasterlee, Tielen en Lille. Per jaar vangen we er daar vijfhonderd van bij nestkasten en zeventienduizend met netten bij onze vangplaats in Vorselaar. We vangen alle vogels die we kunnen vangen, behalve kraaien, kauwen en eksters, omdat het standvogels zijn waarover we genoeg weten en die er ook genoeg zijn. We zijn vooral geïnteresseerd in trekvogels. Meestal gaat het om zwaluwen, spreeuwen, kleine karekieten, zanglijsters, koperwieken, kransvogels, gras- en boompiepers en kwikstaarten. Jongen van roofvogels ringen we alleen op hun nesten. Zo hebben we verleden jaar nog een boomvalk geringd, met de hulp van een professionele boomklimmer.”

Vogels ringen is voor mensen die er niet mee vertrouwd zijn vaak iets wat ze niet begrijpen en soms zelfs afkeuren.

“Dat klopt. Nogal wat mensen beseffen niet dat we meehelpen aan het verzamelen van wetenschappelijke gegevens. Soms hoor je dat we die vogels beter gerust zouden laten. Die negatieve reacties hoor je vooral bij oudere mensen, die onze taak associëren met de verboden vogelvangst, waarbij men met hetzelfde soort slag- en mistnetten vogels vangt voor commercieel gewin. Maar wij laten, na het omzichtig ringen, elke vogel onmiddellijk weer vrij en helpen het wetenschappelijk onderzoek over vogelsoorten vooruit.”

Wat zie je tot nu toe als je strafste vangst ooit?

“Dat was een velduil die we ’s nachts konden vangen en ringen in Vorselaar. Je moet weten, zo’n uil maakt geen geluid als hij komt aanvliegen, je hoort hem absoluut niet. Ik zat toen aan het slagnet, onder toezicht van de aanwezige ringers, en zag plots een schim over het net en trok het dicht. De velduil zat erin en kon wetenschappelijk onderzocht worden.”

Gebruiken jullie voor die slagnetten ook nog lokvogels op de grond?

“Dat gebeurt, maar het is streng gereglementeerd. We mogen dat bijvoorbeeld nog doen bij spreeuwenvangst. Daarvan mag je er dan maximaal drie gebruiken als lokvogels. De meeste spreeuwen vangen we nog altijd zoals 100 jaar geleden, met een spreeuwenfluitje dat hen naar de vangplaats lokt.”

Hoe zit het met de impact van zo’n vangst en het daaropvolgende ringen op de vogels?

“De verstoring op nestkasten is quasi nul. Die vogels zijn ook gewoon aan mensen. Bij reigerkolonies is er wel een impact, maar die ringen wij niet. Roofvogels ringen we alleen op hun nesten.”

Mag ik aannemen dat je met al je kennis ook professioneel iets gaat doen?

“Zeker. Als ik straks in het middelbaar ben afgestudeerd, wil ik graag bioloog worden.”

Ward plukt en net gevangen vogel uit een mistnet. 

Ward plukt en net gevangen vogel uit een mistnet. © Jef Van Gool

MEER OVER Natuur Kempen

Aangeboden door onze partners
Meer nieuws uit de Kempen

citta Kempen

Mobiliteit in de Kempen

Vastgoed

Auto's in de kijker

Jobs in de regio