©  Jan Van der Perre

 

 ©  Jan Van der Perre

 

 ©  Jan Van der Perre

 

 ©  Jan Van der Perre

1 / 4
thumbnail:  
thumbnail:  
thumbnail:  
thumbnail:  

Moretusburg bloedt dood: “Ik zie ze allemaal gaan. Is het niet tussen zes planken, dan wel met een berg geld van Umicore”

De wijk Moretusburg in Hoboken is op sterven na dood. Toch zeker zone 1, het stuk dat grenst aan de fabriek van Umicore. Het metaalverwerkend bedrijf heeft 171 huizen opgekocht en begint dit jaar aan de afbraak ervan om plaats te maken voor een groene buffer. Intussen staan die huizen leeg en is de wijk verlaten, op enkele bewoners na. Moretusburg is een spookwijk geworden.

Jan Stassijns

Het is intussen anderhalf jaar geleden dat Umicore de bewoners van Moretusburg, een wijk in Hoboken, het voorstel deed om hun huis te kopen. De aanleiding waren de te hoge loodwaarden in het bloed van kinderen in de wijk. Langdurige blootstelling kan vooral bij kinderen nefaste gevolgen hebben voor de ontwikkeling van de hersenen en het zenuwstelsel. Daarom worden sinds de jaren 70 de loodwaarden in het bloed van de kinderen uit de wijken Moretusburg en Hertogvelden getest. Uit het laatste, halfjaarlijkse bloedonderzoek blijkt dat de loodwaarden in dalende lijn zijn, maar het neemt niet weg dat de blootstelling blijft. De afgelopen jaren zijn er nog steeds verontrustende uitschieters vastgesteld. Umicore heeft zelf al verschillende initiatieven genomen om de uitstoot van de fabriek te verminderen. Maar die volstaan niet om de kinderen in de wijk te vrijwaren van een blootstelling aan het giftige goedje. Volgens het bedrijf, dat met zijn fabriek naast de woonwijk ligt, is het noodzakelijk dat de afstand tussen de site en de wijk vergroot wordt. En daarvoor moet de woonwijk wijken. Een idee dat al sinds de jaren 80 bestaat en nu ten uitvoer wordt gebracht: de realisatie van een groene bufferzone.

Spookwijk

Francine Wuyts (70) neemt ons op sleeptouw door Moretusburg. Ze is er opgegroeid. Nooit heeft ze eraan gedacht om te vertrekken en ook vandaag is ze er met geen stokken weg te krijgen. Al wordt het haar niet gemakkelijk gemaakt. Haar wijk bloedt dood. 171 huizen zijn door Umicore opgekocht. Dat is meer dan 90% en er zijn nog enkele verkoopdossiers lopende. Tientallen buren zijn al vertrokken naar een nieuwe woonst. Bij de anderen staan de verhuisdozen al opgestapeld. “Ik heb er in al die jaren veel zien komen en gaan”, zegt Francine. “En nu zie ik ze allemaal gaan, één voor één. Is het niet tussen zes planken dan wel met een berg geld van Umicore.”

 

 ©  Jan Van der Perre

Van de eens zo gezellige, warme, volkse wijk blijft niet veel meer over. De huizen die leegstaan zijn verzegeld, ramen en deuren zijn dichtgemaakt met metalen panelen om krakers en vandalen buiten te houden. De wijk staat onder verhoogd toezicht van de politie en ook de bewakingsagenten van Umicore doen regelmatig een controleronde.

In afwachting van de afbraak, die dit jaar van start gaat, heeft Umicore zich geëngageerd om voor de veilige afsluiting van de woningen te zorgen en de tuinen te onderhouden. “Om een nette en veilige omgeving te behouden”, aldus Caroline Jacobs, woordvoerder van Umicore.

Het neemt niet weg dat Moretusburg een erg treurige indruk nalaat. Voortuintjes liggen er verwaarloosd bij. Het afval stapelt zich op. Moretusburg lijkt verlaten, achtergelaten zelfs. En dat valt ook Francine erg zwaar. “Het is een vies gezicht”, zegt ze. “Het begint meer en meer op Doel te gelijken. Het zou me niet verbazen dat de metalen platen die ze gebruiken om de huizen af te sluiten ook van daar komen. Ze zijn duidelijk gerecupereerd, want hier en daar staat er nog graffiti op. Het doet (oud-)bewoners veel verdriet. Ik heb onlangs een buurvrouw zien bleiten toen ze nog eens naar haar huisje kwam kijken. Helemaal dichtgetimmerd.”

Francine ziet haar wijk aftakelen. 

Francine ziet haar wijk aftakelen. ©  Jan Van der Perre

Francine neemt het haar buren niet kwalijk dat ze vertrekken. Integendeel, Umicore heeft hen een meer dan behoorlijke prijs gegeven. “Ge zou zot zijn om daar niet op in te gaan”, zegt ze. “Maar ik laat me niet doen. Ik wil hier niet weg, maar ik ben me ervan bewust dat ik zal moeten vertrekken, tegen wil en dank. Een vrijwillige verkoop zeggen ze, maar ze zetten je wel het mes op de keel. Als je niet vertrekt, blijf je alleen achter. Dat zie ik nu al gebeuren. We voelen ons niet meer veilig in onze eigen wijk.”

Francine blijkt de geknipte persoon voor een rondgang door de wijk. Ze is goed op de hoogte van het doen en laten in Moretusburg. Bij vrijwel elk huis kan ze vertellen wie er woont of woonde en of ze al dan niet verkocht hebben. “Het ligt er slordig bij”, wijst ze naar omgevallen omheiningen van enkele tuintjes aan de straatkant. “Ze komen hier gewoon binnen, om te kijken of er iets te pikken valt. Maar veel valt er niet meer te pikken, natuurlijk. Zo goed als al die huisjes staan leeg. Een spookwijk, dat is wat er van Moretusburg geworden is. Ik had nooit gedacht dat het zover zou komen.”

Ook Julia Verbeke (70) is er het hart van in. We komen haar tegen op de fiets en ze sluit aan bij onze wandeling door de wijk waar ze al heel haar leven woont. “Ik ben hier opgegroeid”, zegt ze. “Ik heb nog nooit ergens anders gewoond dan in Moretusburg. Ik wilde ook niet verkopen, maar uiteindelijk hebben we het toch gedaan. Ik mag er niet te veel aan denken. Ik heb slapeloze nachten gehad. Ik at niet meer. En het vreet nog steeds aan mij. Umicore duwt ons in die verkoop, want wat gaat ons huis nog waard zijn als we nu niet verkopen?

Voorlopig wonen Julia en haar man nog in hun huis. Ze hebben wat verderop in Hoboken een nieuwbouwhuis gekocht, dat nog in volle aanbouw is. “Van zodra dat klaar is, kunnen we verhuizen”, zegt ze. “Het is een gezellige buurt, hoor en ook veel dichter bij de winkels, maar het is geen Moretusburg. Wij moeten hier alles achterlaten, ook onze buren die we al zo lang kennen.“

Een van die buren is Rosita Leonardo (40), die samen met haar man Brahim Atbir (38) en drie kinderen in de Achturendagstraat wonen. Ook zij hebben verkocht. Julia en Rosita vliegen elkaar in de armen. “We gaan elkaar hard missen”, zegt Rosita. ”Het gaat niet enkel om de huizen. Het is een hele buurt die uit elkaar getrokken wordt. Het is verschrikkelijk om te zien hoe de wijk leegloopt. Ze ligt er verlaten bij. Ik voel me hier ook niet meer veilig, zeker ’s avonds niet. Er is hier gewoon niemand meer.”

Rosita Leonardo (40) en haar man Brahim Atbir (38).  

Rosita Leonardo (40) en haar man Brahim Atbir (38).  ©  Jan Van der Perre

“Het is zelfs zo ver gekomen dat ik mijn huis niet meer alleen durf te laten, uit schrik dat er wordt ingebroken”, pikt Julia in. “Wij zijn Kerstmis gaan vieren bij mijn dochter en we hebben toen al onze papieren van het huis, onze belangrijke documenten gewoon meegenomen. Om zeker te zijn.”

Rosita en haar gezin verhuizen ten vroegste in de zomer naar hun nieuwe thuis. “We zijn aan het bouwen, in Hoboken”, zegt Rosita. “Dus we kunnen nog niet meteen vertrekken. Gelukkig krijgen we van Umicore wel zes maanden tijd vooraleer we moeten verhuizen. Ik hoop alleen dat ze ook met ons rekening zullen houden wanneer ze de huizen beginnen af te breken. Er zal veel stof vrijkomen, vervuild met lood, maar onze kinderen zijn hier ook nog, hé. We zijn er toch niet helemaal gerust in.”

Wie al wel definitief afscheid heeft genomen van Moretusburg is Paulo Almeida (52). Hij woont nu wat verderop in Hoboken, in de Van de Perrelei. “Ik ben net de sleutel komen afgeven aan Umicore”, zegt hij. “Ik heb geen spijt dat ik verkocht heb. Ik heb een goede zaak gedaan door te verkopen. Al had ik hier wel graag blijven wonen hoor. De rust die je hier hebt, vind je hier in de buurt nergens meer. Maar als ik nu niet verkoop, zou mijn huis al zijn waarde verliezen. Binnen een jaar staat hier alles leeg en wordt alles afgebroken. De overblijvers zullen ze verplichten om te verkopen, dat zie je zo aankomen.”

Francine in gesprek met Paulo Almeida (52). 

Francine in gesprek met Paulo Almeida (52). ©  Jan Van der Perre

Umicore benadrukt de keuze van bewoners die willen blijven te respecteren. Maar nu meer dan 90% van de woningen in handen is van het bedrijf, staat niets de realisatie van die groene bufferzone in de weg. Het wordt een gebied van vijf hectare met bomen, struiken en gras en op de terreinen van Umicore zelf wordt ook een groene bufferzone van een hectare aangelegd.

Wie denkt er een nieuw park bij te krijgen, is er evenwel aan voor de moeite. De zone zal niet toegankelijk zijn voor bezoekers. Bij de aanleg, die in 2024 zal starten, zal in het ontwerp wel rekening worden gehouden met de huizen die Umicore niet heeft kunnen aankopen, zo bevestigt het bedrijf.

Dat zou betekenen dat Emiel (85) binnenkort in het groen zal wonen. Met uitzondering van één buurman zijn de huizen rondom hem verkocht. “Maar manneke toch, ik ben 85 jaar, waar moet ik nog naartoe?”, zegt hij. “Als ze mij 550.000 euro geven en een deftige uitleg waarom ik zou moeten vertrekken, wil ik er eens over nadenken. Zolang dat niet gebeurt, blijf ik hier. Ik woon hier al 58 jaar. Ik herinner mij nog de tijd dat de was buiten zwart zag door de uitstoot van de fabriek. De tijd dat de zinken dakgoten opgefret werden door wat er uit de schoorsteen van de fabriek kwam. Er is veel veranderd, ten goede. Dat is waar. Maar er wordt altijd gesproken over de gezondheid van de kinderen. Dan vraag ik mij af waarom de stad het altijd heeft toegelaten dat hier gezinnen met kinderen kwamen wonen. Dat is het grote schandaal. En mijn kleindochter woont met haar gezin aan de overkant van de straat. Dat is zone 2 en zij moet niet weg. Daar valt dat lood niet blijkbaar. Daar stinkt het blijkbaar niet. Maar intussen zien wij al onze buren vertrekken. De mensen die wij al jaren kennen, met wie wij wekelijks samenkomen in het dienstencentrum. Die zijn we kwijt, he.”

Francine Wuyts en Emiel (85): “Maar manneke toch, ik ben 85 jaar, waar moet ik nog naartoe?” 

Francine Wuyts en Emiel (85): “Maar manneke toch, ik ben 85 jaar, waar moet ik nog naartoe?” ©  Jan Van der Perre

Samen met Francine en Julia zetten we de tocht door de wijk voort. “Overal waar ik ga of sta, komen er herinneringen naar boven”, zegt Julia. “Ik wandel nog geregeld langs mijn ouderlijk huis. Dan passeer ik de muur die tussen de wijk en de fabriek staat. Daar klommen wij vroeger als kind op. Als de bal over de muur ging, moesten we die bij de portier gaan terugvragen. We speelden continue buiten, op de pleintjes. Als we thuis kwamen moesten we meteen onze handen wassen. Het huis werd wekelijks met nat gepoetst. Dat doe ik nog steeds. En nooit hebben ik en later mijn kinderen te veel lood in ons bloed gehad. Hier hebben altijd oude mensen gewoond, tot 100 jaar zijn ze geworden.”

“Dat lood houdt ons recht, he”, grapt Francine. “En je gaat het zien. Vanaf dat we hier weg zijn, vallen we als vliegen.”

Julia Verbeke en Francine Wuyts.  

Julia Verbeke en Francine Wuyts.  ©  Jan Van der Perre

 

 ©  Jan Van der Perre

CITTA

Aangeboden door onze partners

Vastgoed

Auto's in de kijker

Jobs in de regio