Jan en Moeke Gladys voor hun nieuwe eethuisje in Bellevaux. 

Jan en Moeke Gladys voor hun nieuwe eethuisje in Bellevaux. © rr

Moeke Gladys en Jan van In de Root openen nieuw eethuisje nabij Bouillon: “Ook les Ardennais doen smelten voor grootmoeders keuken”

Boom -

Jan Doms (53) en Gladys ‘Moeke’ De Milde (48) die hun eethuisje In de Root op Noeveren in Boom definitief sloten, gaan een nieuw avontuur aan in de Ardennen. Nabij Bouillon openen ze een nieuw eethuisje, ô vieux Brienne’, waar ze na de Rupelstreek ook les Ardennais willen warm maken voor de keuken van de bomma.

Met heel veel spijt in het hart trokken Jan en Gladys afgelopen zomer een streep onder het verhaal van In de Root, dat begon in 2016. Met gerechten uit grootmoeders tijd, denk aan stoofvlees en vol-au-vent, was het authentieke eethuisje in een pand van 1909 een succesverhaal. Gladys die steevast in haar bommaschort in het restaurant stond, werd al gauw door iedereen Moeke Gladys genoemd.

Maar Jan was op de sukkel met de gezondheid. Het koppel trok naar de Ardennen om er op adem te komen, al sloot het niet uit daar iets nieuws te beginnen, maar dan kleinschaliger.

Al gauw begon het te borrelen. “We voelden ons hier meteen heel goed, meer relaxed”, vertelt Gladys. De tijd lijkt hier op een aantal vlakken wel stil te hebben gestaan. We zijn hier wat beginnen rondkijken en belandden in Bellevaux, een dorpje op 4 kilometer van Bouillon. In een klein cafeetje ‘Chez Monique’, een beetje te vergelijken met de Koophandel op Noeveren, geraakten we aan de klap.”

De mensen wisten te vertellen dat er in het dorp een oude boerderij te koop stond, eigendom van een van de bekendste beenhouwers in de Ardennen. “Toen we gingen kijken, waren we meteen verkocht. Net als In de Root straalt het pand pure charme en authenticiteit uit met eiken balken en een antieke eiken keuken die we in het restaurant gaan integreren.”

Het interieur straalt charme en authenticiteit uit.

Het interieur straalt charme en authenticiteit uit. © rr

Geen paardenstoofvlees

Jan en Gladys bliijven in ô vieux Brienne, de oude benaming van het dorp, trouw aan hun concept: klassieke, authentieke gerechten uit bomma’s tijd. “Al voeren we wel wat aanpassingen door naar de smaak van les Ardennais. Schep (paardenstoofvlees, red.) moeten we hen hier niet voorschotelen. Een paard dient alleen om te werken of mee te gaan stappen, dat komt hier niet op het bord”, lacht moeke Gladys.

“Ook een forel, hoewel hier overal truite ardenaisse op de kaart staat, is geen spek voor hun bek. Een echte Ardennais eet geen vis uit de Semois, want er stroomt nog te veel rioolwater in de rivier. Als je hier een forel op het bord ziet, is het bijna zeker een toerist”, weet ze nog een anekdote te vertellen.

Hoewel toeristen zeker ook welkom zijn, hopen Jan en Gladys vooral toch de locals te doen smelten voor hun keuken. “Op dat vlak zijn ze hier toch ook heel chauvinistisch. Alleen producten van eigen bodem komen hier op tafel: hun eigen vlees, hun eigen kazen,... Geef ze geen croque met Gouda-kaas. Dat moet met Orval-kaas zijn. Maar we zitten hier midden in het land van het vlees en de charcuterie, we zitten dus vlakbij de bron.”

Wildstoofpotjes

“Zo zal er ook veel wild op het menu staan. De voorbije maanden heb ik in ‘Le Fumet des Ardennes’ gewerkt, een atelier waar het wild wordt versneden en verwerkt. Daar heb ik al heel wat geleerd. Het is ongelooflijk wat je allemaal met het vlees kan doen. Veel meer dan wij kennen en weten. Een chef gaat me nu bijvoorbeeld ook zelf paté leren maken. En we hebben ook al contacten gelegd met jagers om hun vers geschoten wild te leveren.”

Jan en Gladys zijn nog druk in de weer met de laatste loodjes voor alle paperassenwerk dat erbij komt kijken, want in Wallonië gelden andere, vaak strengere en meer regeltjes. “We hopen dat eind februari onze aanvraag in het college kan komen om dan zo snel mogelijk van start te kunnen gaan. Want we staan te popelen om les Ardennais te verwennen. “De mensen zijn wat stugger en geslotener, maar eens ze ontdooid zijn.”

Gladys’ zonen Aissa en Jasser wonen nu in In de Root. “We hebben gezocht naar een overnemer, maar dat bleek heel moeilijk haalbaar omdat onze ziel in het eethuisje stak. Het zou nooit hetzelfde zijn. Het was ook waarop kandidaten afhaakten. Daarom besloten de twee zonen het pand te kopen en er opnieuw gewoon een woonhuis van te maken.”

MEER OVER

Aangeboden door onze partners

CITTA

Meer nieuws uit stad en rand

Vastgoed

Auto's in de kijker

Jobs in de regio