Marie-Charlotte Le Bailly stelde ‘Helden in harnas’ samen in de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience.  

Marie-Charlotte Le Bailly stelde ‘Helden in harnas’ samen in de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience.  ©  fh

Moderne versies van ‘Karel ende Elegast’. 

Moderne versies van ‘Karel ende Elegast’. © fh 

De zwaanridder duikt op in ‘De ‘Briesende bruid’ (1968) van Suske en Wiske.  

De zwaanridder duikt op in ‘De ‘Briesende bruid’ (1968) van Suske en Wiske.  ©  fh

Don Quichote in het Spaans, gedrukt bij Verdussen in Antwerpen in 1672. 

Don Quichote in het Spaans, gedrukt bij Verdussen in Antwerpen in 1672. ©  fh

1 / 4
thumbnail: Marie-Charlotte Le Bailly stelde ‘Helden in harnas’ samen in de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience.  
thumbnail: Moderne versies van ‘Karel ende Elegast’. 
thumbnail: De zwaanridder duikt op in ‘De ‘Briesende bruid’ (1968) van Suske en Wiske.  
thumbnail: Don Quichote in het Spaans, gedrukt bij Verdussen in Antwerpen in 1672. 

Antwerpen was draaischijf van ridderverhalen: Erfgoedbibliotheek toont hoe populair middeleeuwse helden waren

Antwerpen -

Ridderverhalen blijven fascineren. Middeleeuwse helden duiken op in Wagner-opera’s, Suske en Wiske-albums en ontelbare Hollywoodfilms. Weinig bekend: in de gouden zestiende eeuw was Antwerpen de draaischijf in het verspreiden van ridderverhalen. De Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience toont wat er toen van de persen rolde en hoe sommige verhalen bleven doorleven.

Frank Heirman

Het idee van Helden in harnas, de nieuwe tentoonstelling in de Nottebohmzaal, sudderde al langer. De voorbije vijftien jaar wist de Antwerpse Erfgoedbibliotheek vijf uiterst zeldzame vroege ridderromans te verwerven, waarvan wereldwijd slechts enkele exemplaren bekend zijn. Gelijktijdig voerde Elisabeth de Bruijn aan de Universiteit Antwerpen onderzoek naar de overlevering van ridderverhalen.

“Dat gaf stof voor een spannende tentoonstelling, waaraan topbibliotheken in Parijs en Washington hebben willen bijdragen”, zegt Marie-Charlotte Le Bailly, coördinator van Helden in Harnas en sinds 2019 conservator oude boeken bij de Erfgoedbibliotheek. Daarvoor werkte de Nederlandse historica in het Red Star Line-museum.

De tentoonstelling neemt een dozijn ridderverhalen als uitgangspunt, waarvan het de vroegste drukken toont in diverse talen, soms ook vergezeld van een middeleeuws handschrift waarop de verhalen teruggaan. Vele drukken kwamen in Antwerpen tot stand in de late vijftiende en eerste helft van de zestiende eeuw, toen de Scheldestad zich ontpopte tot het Europees centrum van de boekdrukkunst.

Gheraert Leeu

“We spreken dan over de periode van voor Christoffel Plantijn, die pas in 1555 in Antwerpen arriveert. Die drukte vooral dure en geleerde boeken maar ook hij surfte even mee op de rage van ridderboeken”, duidt Le Bailly. “Door de boekdrukkunst geraakten ridderverhalen uit diverse regio’s internationaal verspreid. Antwerpen speelde daarin een cruciale rol.”

Als voorbeeld kan de sluwe drukker Gheraert Leeu gelden. Afkomstig uit Gouda, verhuisde hij zijn uitgeverij in 1484 naar de Scheldestad, waar hij het van oorsprong Franse ridderverhaal Parijs ende Vienna op de markt bracht in het Frans, Nederlands, Duits en Engels. Voor afbeeldingen gebruikte hij dezelfde houtblokken. Ook van het in Frankrijk geliefde Melusine maakte hij een Nederlandse versie.

Gheraert Leeu bracht een Nederlandse versie uit van Melusine, de fee met het onderlijf van een slang.  

Gheraert Leeu bracht een Nederlandse versie uit van Melusine, de fee met het onderlijf van een slang.  ©  Erfgoedbibliotheek

“Hoewel het riddertijdperk in de vijftiende eeuw al voorbij was, bleven ridderverhalen uiterst populair”, zegt Le Bailly. “Rond sommige helden werden zelfs vele nieuwe verhalen bedacht, ook eeuwen nadien nog.”

Karel ende Elegast

Vandaag behoren sommige ridderverhalen tot de canon, zoals Karel ende Elegast dat een schoolklassieker blijft, de zwaanridder Helias of Lohengrin die voortleeft dankzij de opera’s van Wagner of de Vier Heemskinderen, bekend van de folkloristische stoet in Dendermonde. De avonturen van Roeland, King Arthur (waarvan merkwaardig genoeg geen Nederlandse versies werden gemaakt) en de allerlaatste ridder Don Quichote behoren tot de wereldliteratuur. Daartegenover staan vergeten helden als Floris ende Blancefloer, Olivier van Castilen en Melusine.

“Van sommige ridderverhalen bleven slechts enkele boekexemplaren bewaard, andere helden leven voort in een eindeloze reeks uitgaven en inspireren stripverhalen, Hollywoodfilms en Netflix”, besluit Marie-Charlotte Le Bailly. “Ridderverhalen zijn van alle tijden.”